De Petrus Dathenusstraat

Deze straat werd genoemd naar Petrus Datheen, ook wel Pieter Datheen, Pieter Dathen of Petrus Dathenus (ca 1531-1588) Hij speelde een belangrijke rol bij de Calvinistische Reformatie in de Zuidelijke Nederlanden. Hij werd, na omzwervingen in ballingschap, een van de leidende theologen van de officiële hervormde kerk in de Noordelijke Nederlanden, waarin hij de orthodoxe partij koos. (bron: Wikipedia)

Het noemen van de straat naar Petrus Dathenus werd vermeld in het Utrechts Nieuwsblad van 29 maart 1929:

VASTSTELLING NAMEN NIEUWE STRATEN

Bij de herziening van de huisnummering die in het afgeloopen jaar werd voorbereid en dit jaar werd uitgevoerd, bleek de wenschelijkheid om enkele wegen van namen te voorzien.

Naar aanleiding hiervan stellen B. en W. voor de volgende straten vast te stellen.

… Voorts is door het gemeentebestuur van Utrecht verzocht, om de aangelegde of nog aan te leggen straten nabij de Oranjekerk, de volgende namen vast te stellen:

1e: Cornelis Mertenssstraat, 2e: Herman Modedstraat, 3e: Hubert Duyfhuysstraat; 4e: Werner Helmichstraat, 5e: Hermannus Elconiusstraat, 6e: Johannes Uitenbogaertstraat, 7e: Nicolaas Sopingiusstraat, 8e: Petrus Dathenusstraat, 9e: Joh. van Andelstraat, 10e: Jodocus van Lodensteinstraat.

Voor een beschrijving van de Petrus Dathenusstraat ‘van toen’ kijken we in de Stratengids die door de gemeente Utrecht werd uitgegeven in 1940. Daarin staat het volgende vermeld:

3            M. Saarloos.

5            A. van Deudekom              instrumentmaker N.S.

7            P.H. Ellens.

2            A.J.R. de Groot                  vischhal.

Het is slechts een momentopname. Dat blijkt onder andere uit het gegeven dat op de hoek met de Amsterdamsestraatweg zowel links als rechts vermeldenswaardige ondernemers zitten/zaten.

Links Meijers trouwauto’s. Dit bedrijf is vanaf 1 september 1928 zonder onderbreking op deze plek gevestigd met ‘Luxe Verhuur’. Zo is het niet begonnen. De heer Meijers Sr. startte zijn koetsen- en later autoverhuurbedrijf onder de naam V.I.O.S. (Vooruitgang Is Ons Streven). Mevrouw Meijers, die bij de oprichting nog niet in beeld was, vond deze naam maar niks. ‘Meijers’ moest het worden dat werd het vijf jaar later ook en dat is het in 2022 nog steeds.

Rechts de ‘sigarenwinkel van Noz’, die grote bekendheid kreeg door de verkoop van tickets voor (landelijke) evenementen.

In de Petrus Dathenusstraat komen we ‘pas aan het einde van de straat’ nog een ondernemer tegen: het is een ondernemer die samen met zijn vrouw de winkel dreef van 1934 tot 1938. Zij hebben daarvoor vijfhonderd gulden moeten betalen om een filiaal van de broodfabriek van ‘de Korenschoof’ te mogen runnen. (bron: Piet Koedijk).

Hans Xaverius Noz, zoon van de sigarenwinkelier (ticketverkoop) aan de Amsterdamsestraatweg, aan het ‘pikken’ tegen de gevel van de huizen in de Petrus Dathenusstraat.

Pikken: op ieder snijpunt van de stoeptegels werd (samen met één of meer vriendjes) een knikker gelegd. Dan werd met een kei geprobeerd een knikker te raken: alles wat onder de geraakte knikker lag, was voor de werper. Het verklaart ook de holten in de muur van de populaire plekken om de pikken. (bijvoorbeeld de muur van de school in de Balderikstraat)

 Meer weten over de Petrus Dathenusstraat en/of Zuilen: www.museumvanzuilen.nl

De St.-Bernulfstraat

De St.-Bernulfstraat werd genoemd naar de Bernold, ook genaamd Bernoldus, Bernulf, Benno of Bernulphus (gestorven in Utrecht, 19 juli 1054). Hij was bisschop van Utrecht van 1027 tot 1054. Hij wordt als heilige vereerd en past zo mooi in dit stratenblok waar de straten genoemd zijn naar heiligen en bisschoppen

Voor een beschrijving van de St.-Bernulfstraat ‘van toen’ gaan we aan de wandel alsof het 1938-’39 is en lopen door de straat. Dit tijdspad is niet toevallig gekozen. We beschikken over een adressenbestand uit die tijd, dus kunnen we aangeven wie er woont of welke winkel er zat.

Op nummer 3 (op de hoek Burgemeester van Tuyllkade) heeft De Ruiter zijn ijssalon ‘Aroma’. De winkel krijgt een andere eigenaar, de heer Pravisani gaat hier zijn Italiaanse ijs verkopen en krijgt faam tot in de wijde omtrek van Zuilen. Pravisani haalt een letter van de tekst af en het wordt dan ‘Roma’.

Op de andere hoek met de Burgemeester van Tuyllkade komen we bij de winkel waar de heer en mevrouw Klarenbeek heel lang hun melkhandel zullen hebben.

J(opie) J. Klarenbeek heeft heel veel voetstapjes gezet in Zuilen en omstreken. Hij begon samen met zijn vrouw deze winkel in 1946. Een tijd waarin de prijzen van de uitgevente waren wat lager waren dan de huidige (euro) prijzen. Een liter losse melk kostte ongeveer ƒ 0,08. En een pakje wagensmeer was al te koop voor maar ƒ 0,09. Met ‘wagensmeer’ werd in de beginperiode van de margarine dit product aangeduid. Vóór de sanering voor melkhandelaren die in 1962 plaatsvindt gebeurde de bezorging van melk door de werklustige Klarenbeek door grote delen van de stad Utrecht en Zuilen. Hij was vaak de hele dag op pad met de melkkar en ging door weer en wind. Als je dan zo dagelijks je route aflegt leer je de klanten natuurlijk goed kennen. Bij een aantal van die vaste klanten werd regelmatig even pauze ingelast, een kopje koffie, soep of iets anders (een eitje) ging er wel in natuurlijk.

Voor heel veel oudere inwoners van Zuilen een bekende, de heer J.J. Klarenbeek, met hondenkar. Hij was de melkboer –tegenwoordig melkman – die zijn winkel runde aan de Burgemeester van Tuyllkade. Het uitventen van melk was vroeger een tijdrovend karwei. Allereerst moest je ’s morgens om 4 uur al naar de boer, om melk te halen. Dan ging je de klantenwijk in. Op deze foto is dat met een hondenkar, later werd dat een bakfiets en nog later een ‘ijzeren hond’. Een regelmatige levenswijze was dat wel, dat blijkt uit de volgende anekdote die de heer Klarenbeek graag bij zijn foto vertelt: dagelijks werd op dezelfde plek – de pomp bij Tolsteeg/Krommerijnstraat – gegeten en gedronken. Op een dag was, door grote drukte, de heer Klarenbeek zodanig verlaat, dat hij meende beter te doen door direct dóór te gaan. Hier had hij echter buiten de waard (pardon: hond) gerekend. Die zag de pomp, spande zichzelf uit, en leste zijn dorst aan de pomp.

Deze foto droeg de heer Klarenbeek jaren ‘op zijn borst’. Ik ben erg blij dat hij me ooit de gelegenheid heeft gegeven er een kopie van te maken. Vandaar dat ik er ook wat meer tekst aan gewijd heb.

 Meer weten over de St.-Bernulfstraat en/of Zuilen: www.museumvanzuilen.nl

Het Bisschopsplein

Het Bisschopsplein ligt tussen straten die naar bisschoppen werden genoemd. Het plein was rondom berijdbaar maar werd voor de veiligheid van de spelende schoolkinderen aan het trottoir voor de school vast bestraat. In de Zuilense periode (dus vóór 1954) is dat door het geringe aantal auto’s niet nodig en wordt het plein veel gebruikt door de jeugd uit de omliggende straten.

Na de Tweede Wereldoorlog vinden hier ook de (illegale) kerstboomverbrandingen van de buurt plaats. De grote populieren maakten het plein in de herfst vooral voor de jeugd tot een geliefde speelplek, omdat er zoveel blad op lag.

Voor een beschrijving van het Bisschopsplein ‘van toen’ gaan we aan de wandel alsof het 1938-’39 is en maken een rondje langs de wanden. Dit tijdspad is niet toevallig gekozen. We beschikken over een adressenbestand uit die tijd, dus kunnen we aangeven wie er woont of welke winkel er zat.

We wandelen ‘met de wijzers van de klok mee’ langs de winkels. We beginnen vanaf het woonhuis op de hoek Balderikstraat. Naast die woning zat op nummer 2 kleermaker van Doornik. In een advertentie uit 1933 adverteerde J.C. Hasselt met aardappelen, groenten en fruit op nummer 3. Op de hoek met de Adelboldstraat zat een van de eerste ‘banken’ in Nieuw-Zuilen, de Nutsspaarbank.

Op nummer 5 zat schoenmaker I.A. van Ieperen, later kwam Worst in dit pand fietsen maken. Nummer 6 huisvestte nog een kleermaker, de heer G. Fokkens. In het pand Bisschopsplein 8 kwam in 1939 drogist H. de Jong, later ging A. Verhoeven op dit adres zijn vishandel beginnen.

Het midden van het Bisschopsplein is in 1938-’39 een prachtig perkje, rozen en gras, met een keurig hekwerk eromheen. Totdat in de Tweede Wereldoorlog het hele pleintje op de schop gaat om plaats te maken voor een schuilkelder.

Dan hebben we een stuk geschiedenis overgeslagen. Voordat deze omgeving bebouwd werd stond hier de hofstede ‘Zeldzaam’, eigendom van de rentenier J. Kol III, telg uit een bankiersfamilie. – de bank ‘Vlaer & Kol’ was een van de eerste banken ter wereld! – Jan Kol liet ook de ‘Tuin van Kol’, het latere Julianapark aanleggen.

Over ‘Zeldzaam’ komen we in oude wandelgidsen al lovende woorden tegen. Die lovende woorden zijn in het bijzonder voor de familie die deze hofstede in pacht heeft gehad, de familie van Eck.

‘Zeldzaam ben ik hier van voren, uitgetekend naar behoren

Zeldzaam vindt men liever oord, dat de stedeling meer bekoord.

‘‘Zeldzaam’’ mag mijn naam wel zijn, hier gebruikt men thee en wijn

’t Staat te lezen op het hek, welkom steeds bij Vrouw van Eck.

Zeldzaam ziet men mooier stal, lekker room en wat niet al

Boter, kaas, puike wijn en bier, alles kan men krijgen hier.’

De hofstede gaat tegen de grond en het stuk grond wordt aangekocht voor de uitbreiding van het christelijk onderwijs in Zuilen.

Voor een beschrijving van de panden met het postadres Balderikstraat kijkt u op de tegels van die straat.

Het Bisschopsplein in 1938. Een fraai geheel met het plantsoen en de klimop tegen de schoolwand. Op de foto’s staan Mimi, Frans en Kartrien Nieuwland.

Meer weten over het Bisschopsplein en/of Zuilen: www.museumvanzuilen.nl

De Balderikstraat

Balderik was bisschop van Utrecht. In 929 heeft hij de kerken van Willibrord hersteld en bouwde hij een kathedraal op de plaats van de Domkerk die toen dan ook de ‘Dom van Balderik’ genoemd werd.

Voor een beschrijving van de Balderikstraat ‘van toen’ gaan we aan de wandel alsof het 1938-’39 is en lopen vanaf de Sweder van Zuylenweg. Dit tijdspad is niet toevallig gekozen. We beschikken over een adressenbestand uit die tijd, dus kunnen we als we door deze straat lopen aangeven wie er woont of welke winkel er zat.

We stappen de straat in en komen bij nummer 1 al meteen D.M. van Wijk met zijn groentehandel.

Aan de overkant op nummer 2 zit slager J.C. Oorbeek. Op nummer 8 zit de slagerij van H.C. Holthuijzen. Dan komen we voorlopig alleen maar woningen tegen. Een paar huizen aan de oneven kant hebben een spitse gevel. Daar wordt de dakrand onderbroken. Om het geheel een fraai aanzien te geven werden ter hoogte van de dakgoot bloembakken op de gevel geplaatst. Die overleven de Tweede Wereldoorlog niet, door het grote brandstofgebrek verdwijnen zij in de kachels.

Een paar huizen verder op dit rijtje komen we bij nummer 43 waar de familie Versteeg woont. Dochter Maria Petronella werd geboren op 12 oktober 1936, de 17.000ste inwoner van Zuilen. De echtgenote van de burgemeester ging op bezoek en bracht aan de gelukkige moeder bloemen en een taart (waarop het gemeentewapen was gespoten) en ‘eveneens geschenken in de vorm van versterkende middelen’.

In dit deel van de Balderikstraat woont ook Kroeze die de Balderikstraat met enige regelmaat onveilig maakt door met zijn Harley Davidson een stukje door de straat te scheuren. Op nummer 77 zit bakker van den Lustgraaf.

Als we de St.-Bernulfstraat oversteken, komen we bij de sigarenwinkel annex herenkapper van J. Schaap. Hij is samen met zijn vrouw al jaren op dit adres in de weer. Bij binnenkomst moet u kiezen of u links of rechts verder gaat, rechts is de sigarenwinkel, links de herenkapsalon. In dit pand komt later A. Bergman de haren knippen en scheren. Hij deed dit tot 2010.

Naast Schaap worden de schoenen hersteld door J.L. Wischhoff. Hij blijft nog tot november 1968 uw schoenen lappen. De buurman van Wischhoff was bakker B. Hus. Tijdens onze wandeling is dat verkoopt Wiggers hier ijzerwaren. Na zijn vertrek komt W. Stoové hier met zijn loodgietersbedrijf.

Op nummer 87, even voorbij Wiggers, zit de heer Kolenbrander. Hij heeft in de ‘werkplaats’ achter de woning zijn meubelmakerij. De oudste zoon begint op dit adres een van de eerste taxicentrales van Zuilen.

Naast de taxicentrale woont de familie Boucher. De heer Boucher is steenhouwer en heeft bijvoorbeeld de schaakstukken gemaakt in de gevels van de flats in ‘Het Schaakwijk’.

Winkels komen we niet meer tegen, maar we gaan toch door naar het einde van de straat want daarover valt nog wel iets te vertellen.

Op nummer 56 komt Meeuwsen te wonen. Rinus Meeuwsen is gepensioneerd, maar heeft geen zitvlees. Hij koopt een oude Citroën bestelwagen en bouwt deze om tot ‘patatwagen’ waarmee hij de wijk in trekt. Puur als tijdverdrijf, rijk wordt hij er niet van, hij deelt meer uit dan dat hij verkoopt, lijkt het wel. Op nummer 60 staat het geboortehuis van de schrijver van deze verhalen.

Recht tegenover nr. 60 woonde op nr. 115 ‘ome Dries’. Een vierkante, oersterke kerel die was uitgerust met het bekende gouden hartje. Hij werkte bij de verzinkerij van Bammens in Maarssen. Als iemand in de straat een nieuwe teil nodig had, kon ome Dries die voor je meenemen. Ik zie hem nog thuiskomen op zijn fiets met zijn rug een grote, pas verzinkte teil gebonden. Het geheel leek nog het meest op een beetje rechtop rijdende schildpad.

Even verderop woonde de familie Wouda: je mocht daar voor vijf cent naar de kindertelevisie kijken.

Aan het einde van de straat maakt de Balderikstraat een bocht. In deze bocht staat een grote houten schutting die ‘landje van Amsing’ begrenst. Op dit stukje land begon ooit de heer W. van ’t Hoog met het maken van bakfietsen (inderdaad, ook voor bakker Amsing). Later gaat de heer Van ’t Hoog een garage beginnen in de Joh. Uitenbogaertstraat

De bekendste gebruiker van het terrein wordt de heer W. van Haarlem. Hij laat hier een grote loods bouwen voor het opslaan van de verhuiskisten en het onderbrengen van de verhuiswagens. De heer Van Haarlem woonde in de Werner Helmichstraat.

Op dit terrein bevindt zich ook het clubgebouw van postduivenvereniging U.P.V. ‘Het Noorden’.

De Balderikstraat vanaf het Bisschopsplein. Rechts de banketbakkerij van B. Hus. Opvallend is de ontbrekende afscheiding van het terrein aan het eind van de straat.

 Meer weten over de Balderikstraat en/of Zuilen: www.museumvanzuilen.nl

Oud Nieuws 7 december 1959

Schoorsteen in brand

Zondagmiddag om drie uur vloog de schoorsteen van perceel 87 in de Utrechtse Balderikstraat in brand. De vrijwillige Zuilense brandweer doofde het vuur.

Fotobijschrift: De fotograaf is weer eens te laat geweest. Zijn fiets staat er nog, voor het raam van nummmer 87.

16 juni ClubReünie U.P.V. ‘Het Noorden’

Het Museum van Zuilen organiseert op 16 juni 2017 de zevende ClubReünie, voor de oud-leden van de Utrechtse Postduiven Vereniging (U.P.V.) ‘Het Noorden’. Van 14:00 tot 17:00 uur in het museum aan de Amsterdamsestraatweg 569 te Utrecht-Zuilen.

U.P.V. ’t Noorden is gehuisvest in de Balderikstraat en werd vóór de Tweede Wereldoorlog al opgericht. Na de oorlog was de heer Manten vele jaren de voorzitter van de vereniging. Als toenmalig bewonertje van de Balderikstraat heb ik zelf nog mooie herinneringen aan de ‘duivenkeet’, het clubgebouw van postduivenvereniging U.P.V. ‘Het Noorden’.

Vooral zondagmiddag was het hier voor jongens uit de straat spannend. Als de postduiven gelost gingen worden, moesten de duivenklokken gelijktijdig gestart worden. Overal in de houten keet lagen houtkrullen (maar het wáren ‘post’duiven) en het zag altijd blauw van de sigarenrook. Dan ineens kwamen de klokken op tafel, alle ‘klokkers’ stonden in spanning over hun klok gebogen en als het aftellen gereed was, draaide iedereen gelijktijdig de klok op scherp. Dat gaf in de verder stille ruimte een oorverdovend geratel.

Maar.. ondanks veelvuldig vragen aan leden van de vereniging, kon niemand mij aan een foto helpen van vóór de annexatie. Uiteindelijk vond ik een afbeelding in een oude Panorama uit 1937. Het oude houten clubgebouw stond links op het ‘landje van Amsing’ aan het einde van de Balderikstraat.

 

U(trechtse) P(ostduiven) V(ereniging) ‘Het Noorden’ zit al heel lang in Zuilen. Vroeger in een houten gebouwtje en later, toen de heer W. van Haarlem stenen garages op dit landje liet bouwen, werd het een stenen onderkomen.
Zonder ooit een duif bezeten te hebben, heb ik hier vele spannende uurtjes doorgebracht. De foto is uit 1937 en het originele onderschrift luidt: ‘De verleden jaar opgerichte postduivenvereeniging ‘‘Het Noorden’’ te Zuilen hield haar eerste tentoonstelling. De heer E. Harshagen, voorzitter van de Utrechtsche Concourscommissie, hield de keuring.’

 

16 maart 2017 ClubReünie Zuilens Vreugd

Het is ons een eer u uit te mogen nodigen aanwezig te zijn bij onze vierde ClubReünie. Deze keer voor de oud-leden van de Buurt- en Ontspanningsvereniging ‘Zuilens Vreugd’.

In het Museum van Zuilen is de tentoonstelling Verenigingen uit Zuilen in volle gang. Tijdens deze tentoonstelling organiseren we maandelijks een ClubReünie voor een niet meer bestaande vereniging uit Zuilen. 16 maart is de vierde ClubReünie bedoeld voor de bewoners van de Balderikstraat en omgeving die lid waren van ‘Zuilens Vreugd’.

Vooral kort na de Tweede Wereldoorlog werden veel buurtverenigingen opgericht. Ook in Zuilen. De Stichting Elinkwijk’s Belang (S.E.B.) bestaat nog steeds en ook de Stichting Gemeenschap Zuilen is ontstaan uit de Kindervereniging ‘Mariëndaals Belang’.

Zoals de naam al uitdrukt, is een buurtvereniging gebonden aan een bepaalde buurt, vaak streng gescheiden gebieden. Je kon zomaar geen lid worden van een buurtvereniging die niet in jouw straat actief was!
‘Zuilens Vreugd’ kende zijn leden onder de bewoners van de Edisonstraat en de Balderikstraat. De oprichters waren de heren Heetcamp, van Zijl, van der Horst en Peters. Zij organiseerden bijvoorbeeld het jaarlijkse dagje uit op derde pinksterdag. Daarvoor kwamen die dag ’s morgens vroeg de drie (of vier!) autobussen van ‘Pluck Den Dagh’ voorrijden bij de Brandstoffenhandel Limburgia aan de Edisonstraat.

In de eerste bus namen de ouders plaats met de kinderen tot vier jaar, dan volgde de bus met meisjes en in de laatste bus zongen de jongens hun ‘Potje met vet’. De leden van ‘Zuilens Vreugd’ gingen nog niet echt op reis voordat zij een afscheidsgroet hadden gebracht aan hen die thuis moesten blijven. Zo reden die grote touringcars eerst nog even door de Balderikstraat, stopten nog even bij de zij-ingang van de Christelijke School 2 om de melkbussen met limonadesiroop in te laden en dan… op weg. Dat was steevast een rit naar een speeltuin, met zowel heen als terug een stop op de hei.

Lange tijd werd ‘Zuilens Vreugd’ nog staande gehouden door de heer Grondhuis. De laatste jaren als voorzitter, secretaris én penningmeester, organiseerde hij de jaarlijkse dagtocht voor de leden.

Donderdagmiddag !6 maart 2017, van 14 tot 17 uur bent u extra welkom in het Museum van Zuilen. Inloop van 14 tot 15 uur. Om 15 uur een kleine presentatie met o.a. de foto’s ‘van toen’. Om 17 uur sluiten we af

Derde Pinksterdag: uit met ‘Pluck den Dagh’.

Best bekeken Facebookberichten XIV

Op Facebook plaatsen we zo mogelijk dagelijks een oud krantenknipsel of bericht uit een dagboek. Zo’n bericht noemen we ‘Oud Nieuws’ en is gerelateerd aan de datum. Omdat niet iedereen ‘op facebook’ wil, zetten we de vier meest bekeken foto’s als blog op deze site. Dit zijn de meest bekeken foto’s in juli 2013.

Lees verder