Julianapark mooier, met dank aan de werklooze jongens in Zuilen

Over de uitbreiding van het Julianapark – waarvoor op grote schaal ‘werklooze jongens’ werden ingezet, lezen we in het Utrechts Nieuwsblad 5 van februari 1935:

Werklooze jongens aan den arbeid

Uitbreiding Julianapark

Er ontstaat een prachtige tuin, tot de mooiste van het land behoorend.

ARBEID VAN MOREELE EN OPVOEDENDE WAARDE.

Er wordt een mooi werk verricht, daar ginds, onder Zuilen bij het Julianapark, dat thans een uitbreiding gaat verkrijgen met het perceel grond, dat geklemd ligt tusschen den weg naar Werkspoor, den straatweg en het reeds bestaande park.

M o o i  w e r k.  Niet alleen omdat er gearbeid wordt aan de uitbreiding dan het zoo fraaie Julianapark, dat nu nog mooier en grooter zal worden, maar ook omdat er hier belangrijk sociaal en paedagogisch werk wordt verricht. De parkaanleg geschiedt immers in werkverschaffing voor jeugdige werkloozen. Jongelui, die anders misschien in het geheel niet aan den slag zouden kunnen komen, krijgen hier de gelegenheid de handen uit de mouwen te steken en hun lichaam, dat naar daden dorst, te ontspannen in stoeren arbeid. De moreele beteekenis daarvan onderschatte men niet. Denkt men zich wel een in, wat het beteekent voor een jongen man, die tot volwassene rijpt, zijn dagen in nutteloos slenteren te verdoen? Beseft men wel voldoende, dat het juist die lediggang is, die de jongens op de verkeerde paden brengt. Wij bedoelen niet, dat ze door nietsdoen het pad opgaan, dat hen naar de gevangenispoort zal voeren, maar hun jonge lichaam gaat zich richten naar het sloome nietsdoen, went hen niet aan werken, maakt hen derhalve minder geschikte voor den strijd om het bestaan, die ook zij te strijden zullen krijgen. Daarom is de gelegenheid om althans een deel der jongeren aan het werk te wennen, niet minder als een zegen te beschouwen.

Mooie arbeid.

En juist het werk, dat hier onderhanden genomen is, is voor dit doel zoo uitmuntend geschikt. Het gaat hier niet om arbeid, die tóch verricht zou moeten worden. Het betreft hier een werk van moreele, meer dan van materieele waarde. In dezen tijd is parkaanleg iets moois en iets nuttigs, maar het is niet noodzakelijk. Utrecht zou materieel volkomen even weerbaar zijn zonder grooter Julianapark. Maar het wordt nu aangelegd ter wille van het jonge geslacht, ter wille van een economisch weerbaar houden en maken van de jongelui. Dat er daarbij een ideale winst te boeken is in den vorm van een fraai park, mag tot verheugenis stemmen. Maar wat nog verheugender is, is, dat in dat vergroote park de jongelui zich zelf een monument scheppen, dat hun nog lange jaren tot groote vreugde zal blijven.

Zeiden wij dus teveel, toen wij schreven, dat er daar aan den Amsterdamschen Straatweg mooi werk wordt verricht? Wij  w i s t e n  dat alles al, vóór wij ons vanmorgen naar het Julianapark begaven om het werk, dat hier verricht wordt, eens in oogenschouw te nemen; toen wij een uurtje op het terrein geweest waren, waren wij in die meening nog versterkt. Het is echter niet alleen een mooi werk dat hier verricht wordt, het is ook een zeer groot werk. Ofschoon het heel moeilijk is den tijdsduur met eenige nauwkeurigheid te schatten, omdat het hier gaat om werk, dat door ongeschoolden verricht wordt, kan toch wel aangenomen worden, dat het geheele werk een klein jaar zal vorderen.

Hoe het wordt.

Parkaanleg eischt heel wat meer arbeid dan zoo oppervlakkig gedacht wordt. Het is volstrekt niet alleen graven van kuilen om daarin planten te zetten. De uitbreiding van het Julianapark krijgt immers een speelweide van 11000 m2. oppervlakte. Die speelweide krijgt een waterleiding om haar te kunnen besproeien bij droog weer en een drainagestelsel om te zorgen, dat de grasmat nimmer onder water zal staan. Men zal willen begrijpen, dat dit waterleiding- en drainagestelsel heel wat arbeid en geld kost, van welken arbeid en welke kosten men eigenlijk nimmer direct iets zien zal. En tóch zal dit alles daadwerkelijk bijdragen aan de schepping van een park, dat het ideaal nadert.

Deze arbeid vergt tevens omvangrijk voorbereidend werk. De drainagebuizen moeten zeer ondiep liggen en een zeer flauwe helling hebben, opdat het water gemakkelijk afvloeie. Daarom moet het terrein geëgaliseerd worden, wat omvangrijk waterpassen eischt.

Dit waterpaswerk is nu achter den rug, evenals het leggen van de waterleiding. De drainage volgt nu. Daarna moet de grond de noodige bewerking ondergaan, opdat hij geschikt worde voor parkaanleg, want de zeer dichte en dikke kleilaag is daarvoor minder geëigend. En tenslotte moet er dan nog gemest worden. Daarna eerst kan met de beplanting begonnen worden., die zich moet aansluiten aan de bestaande, zoodat er een harmonisch geheel met het oude deel van het park kan ontstaan. Het nieuwe deel krijgt dan ook geen zware bebossching maar heesterbeplanting. De begroeiing blijft laag, zoodat de hoogere bestaande boomen den achtergrond zullen vormen. Dicht aan den Amsterdamschen Straatweg komt een rozenpark, dat harmonisch wordt opgenomen in het geheel. Aan de stadszijde van de speelweide zal een theehuis verrijzen met groot terras en verder naar de eisschen ingericht, terwijl de muziektent wordt verplaatst naar den anderen kant der speelweide.

Het hertenkamp.

Het hertenkamp ondergaat eenige uitbreiding, waardoor het een nog wat meer onregelmatigen vorm verkrijgt en daardoor een slingerende weg er omheen, terwijl er voorts een rustig vogelboschje wordt aangelegd, waarin de schuwe vogels rustig en ongestoord zullen kunnen nestelen. Door dit alles belooft het Julianapark met zijn fraaie dierenverzameling niet alleen het mooiste park van Utrecht, maar een der aantrekkelijksten van het geheele land te worden.

Dit alles zal door jongelui tot stand gebracht worden. Reeds zijn er onder leiding van en heer P.G.  v a n  N i e u w k e r k, opzichter 1e klasse van Gemeentewerken, een twintigtal jongens aan het werk. Geleidelijk zal dit aantal worden opgevoerd tot een 45-tal. Voor het grondwerk kunnen geheel ongeschoolden gebruikt worden, bij den bouw van het theehuis zullen jongens aangewezen worden, die eenige bekwaamheid bezitten, derhalve het gereedschap kunnen hanteeren. Want de tewerkstelling geschiedt steeds voor 8 weken en het is practisch niet mogelijk om jongelui binnen dien tijd eenige timmervaardigheid bij te brengen. De beplanting zal geschieden onder leiding van den plantsoendienst, terwijl bij het grondwerk bijv. nog gebruik wordt gemaakt van de assistentie van een volleerd grondwerker, die den jongens tot lichtend voorbeeld dient.

Werkloozen

 

Restaurant Julianapark ter sprake bij de Gemeenschapsraad

Restaurant Julianapark ter sprake bij de Gemeenschapsraad.

Knipsel uit het Utrechts Nieuwsblad van 21 januari 1959

(Van een onzer verslaggevers)

De gemeenschapsraad, dinsdagavond ter vergadering bijeen in het huis der gemeente in de wijk-Zuilen, vond een agenda waarover niet veel te vergaderen meer was. In vrij korte tijd waren de Zuilense zaken dan ook beklonken, nadat voorzitter K. Kievit een nieuwjaarswens had uitgesproken. De heer Kievit hoopte dat de G.R.-leden met veel animo aan de werkzaamheden in 1959 zouden deelnemen. Het waren verder de bejaarden die de heren om de tafel bezighielden. De heer Brands (P.v.d.A.) trachtte een lans te breken voor de uithuizige bejaarden, die zich in de min of meer zwoele maanden in het Julianapark plegen bezig te houden met schaken en dammen. Bij ongunstig weer, zo stelde de heer Brands, hebben deze mensen geen onderdak. Een keet zou hier uitkomst kunnen brengen, nog steeds volgens de spreker. Volgens de heer Kievit moet het dan wel een flinke keet zijn, want er zijn plm. 40 bejaarden die niet in huis te houden zijn. Trouwens, het zou wellicht het park ontsieren. „Waar een wil is, is een weg,” riep de heer Brands, waarmee die keet er echter nog niet is.

Op dit moment sprong de heer v.d. Slot (P.v.d.A.) de vorige spreker bij, omdat hij zich „genomen” voelde wat betreft de bestemming van het Julianarestaurant. „Deze gelegenheid,” zo zei hij, „is destijds gebouwd door werklozen, maar thans ziet men er, als er althans iemand zit, alleen degenen met dikkere portemonnees.” Men voelde wel iets voor het restaurant een andere bestemming te geven. De G.R. gaat nu eerst onderzoeken, hoe de pacht in elkaar zit.

(Wij zien nog niet het verband tussen een keet en het Juliana-restaurant, maar wellicht kunnen de bejaarden er deze zomer terecht voor een klaverjasje — verslaggever).

Uit een uitgebreid rapport van de commissie voor bejaardenzorg bleek overigens dat men in de wijk Zuilen dezelfde loffelijke doelstellingen nastreeft als elders, hetgeen neerkomt op meer en vrij te besteden subsidie, om deze te verwezenlijken.

 

Damspelers Julianapark

Het Julianapark was vele jaren dé verzamelplek voor dammers uit Zuilen en omgeving. Hieruit is ook de damvereniging ‘Vriendenschaar’ voortgekomen. 

Zwanen overwinteren in het Julianapark

Zwanen overwinteren in het Julianapark te Zuilen

Knipsel uit het Utrechts Nieuwsblad van 15 januari 1959

Zwanen in het Julianapark

De helft van het aantal zwanen in de Utrechtse stadsgrachten is (als gebruikelijk in wintertijd) reeds de gast van de plantsoendienst in het Julianapark. De andere helft is uitgenodigd. De dames en heren zwaan worden met auto’s gehaald, ook wanneer ze aan de invitatie geen gehoor willen geven. De tafel staat gedekt en het zal de zwanenfamilie aan niets ontbreken. U ziet ze hier. Het bevalt allen best.

Van de Utrechtse bevolking wordt verwacht dat zij de andere watervogels rijkelijk van eten voorziet. U koopt maar eens een half broodje extra. De eenden zitten er in hun benauwde wakken naar te snakken. Wanneer u ziet dat baldadige jeugd de dieren plaagt, bel dan de politie of de dierenbescherming.

Hulp gevraagd voor onze hongerige eenden

Hulp gevraagd voor onze hongerige eenden

Knipsel uit het Utrechts Nieuwsblad van 13 januari 1948

Zij worden door de distributie maar karig bedeeld

De eendjes in de gemeentelijke vijvers lijden vreselijk honger. Zij worden min of meer aan hun lot overgelaten, niemand kijkt naar ze om en als dat nog langer zo duurt, gaan ze met rassé schreden de dood tegemoet…

Ziedaar de alarmerende berichten, die ons bereikten en die ons – eerlijk! – eventjes aan het schrikken brachten. Maar – om in etenstermen te blijven – gelukkig bleek ook hier de soep niet zo heet gegeten te worden als ze wordt opgediend. Een nauwgezet onderzoek heeft n.l. uitgewezen, dat de situatie met betrekking tot onze zwanen en eenden lang niet zo critiek is als wordt voorgesteld.

Ja maar, zo brengen de jammerklachten naar voren, de beesten hebben zo’n honger, dat ze ’s nachts de omwoners wakker houden door hun angstig gekwek…

Tot zover de jeremiades van de overigens van goede trouw getuigende dierenliefhebbers, die er dan nog schande van spreken, dat het overschot van de Centrale keukens is verpacht aan de boeren (voor varkensvoer), terwijl onze eigen zo dringend een “bijvoeding” nodig hebben.

Hoe zijn nu de feiten?

De gemeente krijgt van de distr.-dienst voor de waterbewoners van ’t Wilhelminapark, “Oog in Al” en Julianapark een tweemaandelijkse toewijzing van meelproducten en korrelvoer. Toegegeven, die toewijzing is niet groot en als de voorraad geleidelijk over de vijvers is verdeeld, blijkt er voor iedere eind betrekkelijk weinig te zijn. maar de ware dierenvrienden hebben de eenden en zwanen nooit in de steek gelaten en er altijd voor gezorgd dat er brood was (in overvloed zelfs!). Doch nu met dit dagenlange miezerige weer, schijnen er inderdaad weinig bezoekers te komen en is de toevoer van brood maar zeer minimaal.

Overigens heeft men van gemeentewege al eens pogingen gedaan om b.v. het overschot van de kazernes te bemachtigen, maar ook hier heeft men bot gevangen. Verpacht aan de boeren.

Daar komt nog bij, dat de rustige eenden en zwanen af en toe troepen wilde eenden op bezoek krijgen, die ook niet precies het verschil tussen mijn en dijn weten, met het gevolg, dat de “spoeling” nog dunner wordt.

Inmiddels is de Plantsoendienst in contact getreden met de Centrale Keukens en naar wordt verwacht zal er uit die hoek wel hulp komen opdagen.

Voor de rest bevelen wij iedereen aan, die wat oud brood over heeft (en wie langs de vuilnisbakken loopt, bemerkt, dat er nog héél wat zonder erg wordt weggesmeten), dat te bewaren voor de eendjes.

Wij hebben ons in verbinding gesteld met de dierenbescherming en van die kant ontvingen we de geruststellende mededeling, dat de dieren zeker niet van de honger omkomen. Soms – en vooral des Zondags – drijven de vijvers vol met brood, een bewijs, dat de eenden meer dan genoeg hebben. Dat het dan in de loop van de week een beetje krap wordt, werd niet als verontrustend beschouwd.

En wat tenslotte het kwekkeren in de nachtelijke uren betreft, dat is niets bijzonders. Dan is er onraad in de buurt, b.v. rattenbezoek.

Als iedereen, die daartoe in staat is, wat brood opzamelt en dat reserveert voor de eendjes, zal ook dit probleem spoedig zijn opgelost.

Eendjes voeren

Fotobijschrift: Hoewel ‘eendjes voeren’ hier meer ‘kijken naar de zwanen’ is, past deze foto het best bij bovenstaand knipsel. Maar… als u het Museum van Zuilen kunt helpen aan een oude foto waarop men de eendjes in het Julianapark (of nog leiver ui de tijd dat het park nog de ‘Tuin van Kol’ was) aan het voeren is, dan houden we ons ten zeerste aanbevolen. Overigens, het knipsel is dus van drie jaar ná de Tweede Wereldoorlog en brood is dus nog steeds op de bon! 

 

WIE HEEFT EEN KRAANVOGEL GEZIEN?

WIE HEEFT EEN KRAANVOGEL GEZIEN?

Knipsel uit Het Vaderland van 8 januari 1936

De stichting Het Julianapark te Utrecht heeft het vorige jaar een paartje kraanvogels gekregen, die zooals elke andere vogel daar liefderijk verzorgd werden. Zij bouwden een nest, er kwamen een paar eieren, maar jonge kraanvogels lieten op zich wachten. Of daar oneenigheid het gevolg van is geweest wij weten het niet, maar wel weten wij, dat Maandag een van de twee er vandoor is gegaan. Hij is eerst in een voortuintje aan den Amsterdamschen straatweg terecht gekomen. Men is, met den heer Hessel voorop, aan het zoeken gegaan en heeft hem in de polders gezien, maar de kraanvogel liet zich niet vangen.

De vraag is nu: Wie heeft er een kraanvogel gezien en waar?

Kraanvogels in het Julianapark

Fotobijschrift: In het blad Utrecht in Woord en Beeld van 25 april 1930 stond deze foto van het Julianapark. De redactie voorzag de foto van de tekst: ‘Ook een paar kraanvogels behooren tot de gevederde bewoners van het park. Wij troffen hen juist aan op hun avondwandeling, en zij waren vriendelijk genoeg even voor onzen fotograaf te willen poseren! Ook de kraanvogels brengen een groot gedeelte van hun leven aan den Nijl door.’

HENGELAARS SCHENKEN GOUDKARPERS VOOR VIJVERS

HENGELAARS SCHENKEN GOUDKARPERS VOOR VIJVERS

Oud Nieuws 24 december 1954

De Alg. Utr. Hengelaars Ver. gebruikt sedert vele jaren de verschillende stadsvijvers als groeiplaats voor de vis, welke dan, na volwassen geworden te zijn, wordt uitgezet in de door deze vereniging gepachte viswateren rondom de stad.

Toch wil de A.U.H.V. ook iets anders dan alleen maar vis uitzetten met het doel deze later triomphantelijk aan de haak te slaan. Ter verhoging van de aantrekkelijkheid van onze stadsvijvers heeft de vereniging bij wijze van schenking aan de Gemeente Utrecht en de vijvers van het Wilhelmina- en Julianapark en het Park Oog in Al eind November j.l. door de Ned. Heide Mij. in elke vijver tachtig flinke goudkarpers van 20 cm. laten uitzetten. Niet met het doel deze fraaie vissen straks, als ze volwassen zijn over te brengen naar de buiten (vis) wateren, doch louter en alleen met het doel om als extra attractie voor de vele kinderen, die iedere dag trouw de eenden (en dus ook de vissen) in de vijvers komen voederen.

Vissen voeren in het Julianapark

Fotobijschrift: Het vissen voeren (en kijken naar de vissen) gebeurde veelal vanaf de prachtige balkons met ‘boomstammen’ afrastering. (maar niet als het sneeuwt natuurlijk…). Al vele jaren geleden is één van de balkons weggehaald en werd de afrastering een (veel veiliger en goedkoper in onderhoud) een metalen constructie.Maar bij het park paste deze vormgeving wel heel bijzonder goed. Mooie taak voor de gemeente: enige jaren geleden al werd besloten het onderhoudsniveau van het Juliananpark te verhogen van zes naar acht. Zou een prachtig plaatje terug kunnen brengen. (Als we dan ook wel weer van de witte winters krijgen natuurlijk)

 

Het Natuur-historisch museum te Zuilen

Oud Nieuws 22 december 1937

Het Natuur-historisch Museum in

het Julianapark geopend

——

Groote belangstelling van officieele zijde. – Wethouder H.A. Bekker verricht opening.

In het Julianarestaurant is hedenmiddag het Natuur-Historisch Museum, waarover wij gisteren reeds uitvoerig schreven, geopend.

Onder de velen aanwezigen merkten wij onder meer op de heeren  O.  N o r b r u i s, Burgemeester van Zuilen, Dr.  d e  L a n g e, gemeente-secretaris van Utrecht,  Z e e g e r s, P l o e g  en W a s l a n d e r, wethouders van Utrecht. Hoofdcommisaris van Politie, Dr. S c h u u r m a n s  S t e k h o v e n, waarn. directeur van het Zoölogisch Laboratorium,  V a n  D i s s e l,  oud-directeur van Staatsboschbeheer,  S m u l d e r s, oud-wethouder van Utrecht en vele gemeenteraadsleden, terwijl voorts vertegenwoordigers van de Utrechtsche Biologenvereeniging aanwezig waren.

Wethouder H. A.  B e k k e r  verrichtte de opening. Spr. bracht dank aan allen, die hebben medegewerkt tot de totstandkoming van dit museum, waarop wij hier niet verder behoeven in te gaan, daar wij gisteren hierover reeds schreven.

De heer Roeleveld dankte het bestuur van de “Stichting Julianapark” voor haar medewerking en schetste het nut van dit museum. Tenslotte dankte spr. dengenen die hem hebben geholpen bij de samenstelling van zijn verzameling.

Tenslotte sprak de heer  O.  N o r b r u i s,  burgemeester van Zuilen, eenige woorden. Spr. memoreerde, hoe door toedoen van wijlen den heer  K o l  Zuilen een nieuwe woonwijk is geworden in de omgeving van het prachtige Julianapark, in den volksmond nog steeds het “park van Kol” geheeten. Spr. spreekt de hoop uit, dat het nieuwe museum zal bijdragen tot de ontwikkeling der menschen voor de natuur.

Het museum werd hierna bezichtigd.

Fotobijschrift: Een afbeelding uit ‘Utrecht in Woord en Beeld’ van 19 oktober 1934. Voor de tekst maak ik gebruik van het origineel. Onder de kop: ‘Aanwinsten voor het Julianapark te Utrecht’ lezen we: ‘Het ei van een struisvogel en dat van een winterkoninkje verschilt nogal van afmeting, en daartusschen zijn er ook eieren van allerlei kleur en kaliber. De heer Roeleveld heeft er een groote verscheidenheid van verzameld, zooals men hier kan constateren.’

Oud nieuws 6 december 1965

DE HEER M. Schaafsma, Wethouder D.M. Plompstraat 16 te Utrecht, hoofdbaas bij Werkspoor Utrecht, die vandaag een halve eeuw in dienst was bij deze onderneming, is vanmorgen in de benedenzaal van het Werkspoor Ontspanningsgebouw aan de Julianaparklaan gehuldigd door de directie van Werkspoor, ir. J. van Zwet, die de jubilaris verraste met een televisietoestel. De heer N.J.H. Zuur (links) hoofdproductieleider van Structural, de afdeling waar de heer Schaafsma werkzaam is, bood een monoculair (vogelkijker) aan, waarna de jubilaris nog werd toegesproken door de heren P. van Sorgen, afdelingschef bij Structural, P. Schmidt, werkmeester H.A.-H.B. en H. Kroon, voorzitter der personeelsvereniging NIO.

 

Oud Nieuws 9 november 1955

Julianapark in wijk Zuilen wordt een waar lustoord

Gemeenschapsraad vol lof over plan tot verfraaiing

(Van een onzer verslaggevers)

Op de Gemeenschapsraadsvergadering van Dinsdagavond in ’t voormalig gemeentehuis in de wijk Zuilen, kwam o.m. ter sprake: een advies aan B. en W. van Utrecht inzake een ontwerp-voordracht tot wijziging en verbetering van het Julianapark. De heren J. van den Slot (PvdA) en A.J. Kuipers (KVP) meenden dat, daar de Gemeenschapsraad nog al eens aanmerkingen maakte, thans een woord van lof op zijn plaats was, waarmee de vergadering volledig instemde.

Kinderspeelplaats, fontein in vijver, meer dieren

Nog dit jaar wil men volgens het plan beginnen met het aanbrengen van enkele verbeteringen zoals een hoge beplanting aan de zijde van Werkspoor, zodat de langs het park liggende gebouwen gecamoufleerd worden. Met de herstelling van het hertenparkhek, het verleggen en het doortrekken der paden er omheen, zal een bedrag van f 10.000 gemoeid zijn.

De tweede etappe in 1956, behelst de aanleg van een kinderspeelplaats en het aanbrengen van een fontein in de bestaande vijver, inclusief pompinstallatie, waarvan de kosten op f 36.000 begroot zijn.

De overige werken worden uitgevoerd in de volgende 7 tot 10 jaren.

Het enige punt waartegen de heer Kuiper (KVP) bezwaar maakte, was de plaats van een nieuwe bij-ingang, welke ontworpen is aan de Julianaparklaan. De heer Kuiper zag deze liever op de Amsterdamsestraatweg hoek Julianaparklaan.

Muziektent weg

De Muziektent zal verdwijnen. Op dit parkgedeelte wordt een uit twee plateaux bestaand verhard terras aangelegd. Bij voorkomende gelegenheid wordt een verplaatsbare muziektent van de gemeente gebruikt.

De aanwezige dierencollectie zal worden uitgebreid met verschillende grote vogels. In de voloières, die tussen het hertenkamp en de grote vijver zullen worden gegroepeerd, komen o.a. dwergpapagaaien, terwijl ’s zomers een aantal rekken met papagaaien wordt opgehangen.

Het plan is verder in het hertenkamp, naast de damherten die het nu bevolken, enkele mouflons, dwerggeiten, Indische antilopen en lama’s onder te brengen.

Seizoensattracties!

Men denkt aan enkele seizoensattracties, zoals een schaap met lammeren, een zeug met biggetjes, een ezel en een ponypaardje. Met de aankoop van deze dieren zal een bedrag van f 15.000 gemoeid zijn.

De heer Kuiper stelde voor meteen maar de belangstelling van Utrecht te vragen voor de mogelijkheid van een bij voorkomende gelegenheid aan te brengen feestverlichting in het Julianapark.

Verdere bespreking

Een voordracht tot verlenging van de ontruimingstermijn van de reeds in December 1952 onbewoonbaar verklaarde woningen aan de Kantonnaleweg 5,6,7, en 8, werd door de Gemeenschapsraad verworpen. Geadviseerd werd de bewoners van deze percelen binnen de kortst mogelijke tijd een andere woning toe te wijzen.

De ontwerp-begroting betreffende de wijk Zuilen, gemeentebedrijven en –diensten werd goedgekeurd.

Donderdag 10 November wordt in de Gemeenschapsraadsvergadering de voordracht inzake de uitvoeringsbevoegdheid van de Gemeenschapsraad behandeld. Op verzoek van de Gemeenschapsraad heeft deze vergadering ’s avonds plaats. Maandag 14 November komt de Gemeenschapsraad bijeen ter behandeling van de nota.

 

Fotobijschrift: In het bovenstaand artikel rept men nog over de plannen, maar wij hebben de foto al beschikbaar: de papegaaien in het Julianapark, kenden stuk voor stuk de cursus ‘lorre’ uit hun hoofd!

Best bekeken Facebookberichten XVI

Op Facebook plaatsen we zo mogelijk dagelijks een oud krantenknipsel of bericht uit een dagboek. Zo’n bericht noemen we ‘Oud Nieuws’ en is gerelateerd aan de datum. Omdat niet iedereen ‘op facebook’ wil, zetten we de vier meest bekeken foto’s als blog op deze site. Dit zijn de meest bekeken foto’s in september 2013.

Lees verder