Over vijftig jaar oude fuchsia van de heer Van Londen…

Uw museumdirecteur kan zich niet beroepen op groene vingers. Maar dat geldt niet voor iedereen uit Zuilen. Dit bericht over de 50-jarige fuchsia van de heer C.P. van Londen plaatste de redactie van het Utrechts Nieuwsblad  op13 juli 1966:

VIJFTIG JAAR oud is de fuchsia van de heer C.P. van Londen, Swammerdamstraat 56 in Utrecht. Een bijzondere plant met een bijzondere geschiedenis. Want het oorspronkelijke Amsterdamse stekje zou weggegooid worden. De schoonvader van de heer Van Londen nam het mee; hij ging verhuizen naar Utrecht en plantjes voor de voortuin waren welkom. De plant is een blijvertje geworden. Ieder najaar haalt de heer Van Londen hem uit de tuin. De overwintering vindt plaats in een zolderkamertje. Verzorging: af en toe een druppeltje water. In april lijkt het een dood stuk hout. Maar ieder jaar bloeit de oude fuchsia weer op, ontelbare rood-rose bloemen.

Fuchsia

En… hoe gaat het nu met deze emigranten uit Zuilen?

Emigranten: al eerder plaatsten we een knipsel over een familie die gaat emigreren. Ook uit Zuilen vertrokken veel inwoners, vaak vanwege de grote woningnood, soms met het idee: ‘Het wordt ons hier te vol’. Het Utrechts Nieuwsblad van 12 juli 1963 doet verslag van ‘wéér’ een emigrantenfamilie.

Jonge harten kloppen vol verwachting

In de woning van zijn ouders vertelt de 18-jarige kok J.H. de Lange (Minister Talmastraat 118 I, Zuilen) hoe de woningnood er de oorzaak van is dat hij gaat emigreren. Zijn vrouw, de 17-jarige P.E.M. de Lange-Midden vindt het prettig. Daar ligt tenminste toekomst voor ons, zegt zij hoopvol.

Haar broer woont al enkele jaren in Australië, in Sidney, en heeft het er best naar zijn zin. Hij is er tandtechniker. Hij wacht ons in Australië op, vertelt de heer De Lange en wij zullen zo lang op kamers naast hem wonen.

EEN BAAN? O, die ligt misschien al voor mij klaar. Mijn zwager schreef zo iets …

Mevrouw M. de Lange-Beringen, de moeder van de emigrant bij wie hij inwoont, wijst erop dat haar zoon en schoondochter wel een van de jongste echtparen vormen die gaan emigreren. Ik geef hun groot gelijk, zegt ze, al zal het moeilijk vallen hen zien te vertrekken en (vooral) de kleine voorlopig niet meer te zien.

Zaterdagavond vaart het Italiaans schip de Aurelia uit Rotterdam weg, koers zettend naar Australië. Vijf weken lang duurt de tocht. Dat is voor ons nog een prettige vakantie, zegt de jonge kok. Kijkend naar de baby in de box: Die zal wel gauw Engels spreken. Straks moeten wij het nog van hem leren. Lachend: Maar wij hebben privéles in Engels gehad, dus het zal wel meevallen.

Emigranten

NU KNABBELT hij in zijn box aan een koekje, morgen dobbert hij op een groot schip naar Australië. De 16 maanden oude Eddie de Lange is zich nergens van de grote zeereis bewust. Zijn ouders daarentegen maar al te goed.

Over het eerste concert van het Zuilens Fanfare Corps

Het Zuilens Fanfare Corps bestaat al ruim 100 jaar! Over de resultaten van het eerste concert dat het corps gaf lezen we in het Utrechts Nieuwsblad van 16 juli 1901:

ZUILEN, 11 Juli. Gisterenavond had alhier het eerste concert plaats van het “Zuilensche fanfarecorps” onder leiding van haren directeur de heer F.J. Odijk.

In aanmerking genomen de korte tijd van bestaan (de vereeniging werd opgericht in Februari l.l.) moeten wij volmondig erkennen dat het ver onze verwachting overtrof.

Na het tweede nummer van het programma nam de burgemeester, de heer C. Plomp, het woord en bracht hulde aan den ijverigen directeur die in zoo’n korten tijd zooveel goeds tot stand bracht.

De heer J. Plomp bracht, na afloop van het programma namens de geheele burgerij van Zuilen zijn welgemeende dank en uitte den wensch dat èn corps èn directeur steeds één zouden blijven en in de toekomst aan de Zuilenaars nog vele genoeglijke avonden zouden verschaffen.

Corps

Dit zijn zo’n beetje de mannen van het eerste uur, leden van het Zuilens Fanfare Corps. Vijftien man sterk hebben ze de basis voor een eeuwfeest gelegd. Voorwaar een prestatie die er zijn mag.

Afscheid van het hoofd der Prinses Beatrixschool

In Zuilen waren twee heren, broers,  Van der Wilt actief als schoolhoofd. J.C. van der Wilt was van de (M)ULO, en A.G. van der Wilt ontfermde zich over de leerlingen van de Prinses Beatrixschool (de school die begon als Openbare Lagere School 4). Over het afscheid van A.G. van der Wilt plaatste de redactie van het Utrechts Nieuwsblad op 10 juli 1964 het volgende artikel:

Schoolhoofd v.d. Wilt nam afscheid

Beatrixschool

 Vele waarderende woorden en geschenken

(Van een onzer verslaggeefsters)

De heer G.A. van der Wilt, hoofd van de Beatrixschool voor openbaar lager onderwijs aan de Beatrixlaan te Utrecht (Zuilen), hield donderdagavond in de school een afscheidsreceptie. Het schoolhoofd, dat 46 jaar bij het onderwijs geweest is, verlaat de school wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Wethouder A.P.G. van Koningsbruggen, die wethouder H. van der Vlist verving, sprak namens het gemeentebestuur de scheidende leerkracht toe. Een oerdegelijke onderwijsman noemde hij hem. Hij maakte hem drie complimenten en wel om zijn wijze van optreden, waardoor hij bij zijn strengheid altijd weer de liefde van de kinderen vond. Ook de verhouding met de onderwijzers was altijd goed, hij beschouwde ze als medewerkers. Tenslotte bestond er altijd een goede verstandhouding met het oudercomité. Namens dat comité bood de voorzitter, de heer C.F. de Wilde, een kostbaar filmprojectieapparaat aan, dat maandag aan de nieuwe hoofdonderwijzer zal worden overgedragen. Van de leerlingen ontving de scheidende hoofdonderwijzer veldkijker.

Over het straatvoetbal in Zuilen en Utrecht-noord

Over straatvoetbal, het is een inmiddels volkomen verdwenen fenomeen: maar er was zelfs een straatvoetbalfeest! Georganiseerde wedstrijden tussen de jeugd van verschillende straten. De spelletjes spelen zich nu af op een scherm, maar dáár komen geen ‘Van Basten’s’ van! Over het wekenlang durende toernooi schreef men in het Utrechts Nieuwsblad van 9 juli 1962 het volgende:

straatvoetbal

Het straatvoetbal-feest dat de Jeugd weer enkele weken tot begin augustus aangenaam zal bezig houden, is zaterdagmiddag op het sportveld aan de Boisotstraat met een kort toespraakje door de heer Verdaasdonk geopend. Daarna deed de vijf-jarige Rudi Smeding de aftrap bij de openingswedstrijd tussen de „Amsterdamsestraatweg” (zittend) en KSB (staand). Het werd in de met de vlaggen versierde speeltuin een aardig duel, dat uiteindelijk met 10-0 gewonnen werd door de mannen KSB. Scheidsrechter Van de Berg leidde goed. Tijdens de wedstrijden, die allen gehouden worden in de Boisotstraat en de Irenelaan zal gecollecteerd worden ten bate van het Prinses Beatrix Poliofonds. Voor vanavond staan op het programma aan de Irenelaan: HEC-SDO en Jong Leven-VVG, aan de Boisotstraat: KSB-Sportivia (P) en Geuzenwijk-Amandel Boys. Aanvang der wedstrijden 6.45 uur en 7.30 uur. Morgenavond luidt het programma: Irenelaan: Sportivia-HSS en Huygense Boys-Geraniumstraat, Boisotstraat: Real Utrecht-Centrum (P) en Transwijk-’t Zand.

Over de Oranje-groep uit Zuilen

Wat we tegenwoordig scouting noemen was vroeger padvinders, verkenners, gidsen en kabouters. Maar dat er vaak met veel plezier gespeeld en geleerd werd en wordt is duidelijk. En de dames van de Oranje-groep uit Zuilen waren goed, zo blijkt uit dit knipsel uit het Utrechts Nieuwsblad van 8 juli 1957:

 

Tienduizenden padvinders streden in radiospel

Stadhuis Utrecht was centrum van telefonische eindspurt

… De meisjes van de Oranje-groep van het N.P.G., in hun groepshuis aan de Plesmanlaan, werkten met gips dat het een lust was, beschilderden eieren, en hadden heel wat moeite vóór “Ome Loeks” kon weerklinken, want een carillon stemmen van ongelijksoortige flessen valt blijkbaar niet mee! …scouting

Geen foto van de in het bericht beschreven gebeurtenis. Wel deze van de Oranje-groep in 1968. links de achterkant van de flats aan de Plemanlaan en rechtsachter het clubhuis. 

Over De Rollende Rijders uit Zuilen.

De Rollende Rijders uit Zuilen, reden door heel veel steden in Europa! En bij de introductie van skeelers werden zij uitgenodigd voor een optreden voer het maken van een promotiefilm (jammer genoeg in Amsterdam, maar toch!) In het Utrechts Nieuwsblad van 7 juli 1958 deed men verslag van een wedstrijd hier in Zuilen:

 

Rini v. Deudekom: beste rolschaatser

(Van een verslaggever)

De 12-jarige Rini van Deudekom werd zaterdag tijdens de finale van de rolschaatswedstrijden aan de Prinses Margrietstraat in de Utrechtse wijk Zuilen, georganiseerd door „De Rollende Rijders”, algemeen rolschaatskampioen 1958 van Utrecht. Zijn gemiddelde rondetijd was 16 seconden; zijn gemiddelde uursnelheid bedroeg 22,5 kilometer.

Rini werd door deze goede prestatie winnaar van de wisselbeker, die het Utrechtsch Nieuwsblad voor de kampioen beschikbaar stelde.

Voor deze finale was veel belangstelling. Tevens genoten de aanwezigen van de aantrekkelijke rolschaatsshow „Het toverbos”, uitgevoerd door leden van de KRC „Dordt”, die een uniek schouwspel van fantastisch rolschaatsen lieten zien.

De uitslagen van de rolschaatskampioenschappen 1958 zijn als volgt:

meisjes: 8 tot 10 jaar — 1. Joosje van Deudekom, 21.8 sec; 2. Corrie van Mechelen. 10—12 jaar — 1. Joke Portenge, 20,7 sec, 2. Lenie Nellen. 12 jaar en ouder — 1. Toos Verheul, 17.9 sec, 2. Lida Laterveer.

Jongens 8—10 jaar — 1. Henk Timmermans, 18.9 sec, 2. Freek de Bruin. 10—12 jaar — Rini van Deudekom 16 sec, 2. Leo van Dalen. 12 jaar en ouder — Bobby de Groot, 18 seconden, 2. Gerard van Riet.

 RijdersDe jongens en meisjes, die zaterdag bij de rolschaatsfinale van de vereniging „De rollende rijders” in de prinses Margrietstraat met de eerste prijzen gingen strijken, maakten met grote boeketten in de arm een ererondje.

 

 

Werkspoor maakte ook veel bussen, o.a. de ATO bus.

De ATO bus. Alweer een stukje Werkspoor om trots op te zijn. Dit stond in Het Centrum van 6 juli 1927, negentig jaar geleden dus…

Het spoorweg autobusbedrijf.

Een bestelling bij Werkspoor.

Naar de Utr. Crt. verneemt, zijn door de A(lgemeene) T(ransport) O(nderneming) een aantal carrosserieën besteld voor haar autobussen.

Deze bussen zullen plaats bieden aan 30 a 40 personen en van hetzelfde type zijn als de bussen geleverd aan de gemeenten Utrecht, den Haag en Rotterdam.

ATO bus

Ook de fabriek Werkspoor zelf was trots op de nieuwe bus. Dus werd er een mooie foto van gemaakt. (Als ik hiernaar kijk mis ik wel de gordijntjes in de huidige bussen van het openbaar vervoer!)

ATO bus

Op de ‘Werkspoortafel’ in het Museum van Zuilen wordt de bus ook al grondig bekeken.

Over het jubileum van de heer C.A. van Hees (en Van Hees zelf)

Een dubbelslag is dit bericht eigenlijk wel: In het Utrechts Nieuwsblad van 5 juli 1960 wordt gewag gemaakt van een bijzonder jubileum, maar ook een bijzondere jubilaris. De heer Van Hees was beroemd in ‘heel Zuilen en omstreken’:

De heer C.A. van Hees, Bernard de Waalstraat 25 te Utrecht, is een bekende figuur in de wijk Zuilen en bij Werkspoor. Dat bleek vandaag bij de huldiging die de magazijnchef van Werkspoor, ter gelegenheid van zijn veertigjarig dienst jubileum werd bereid bij hem thuis en op een vanmiddag gehouden receptie in hotel Noord-Brabant. Jhr. J.E.W. Twiss Quarles van Ufford (rechts) spelde de jubilaris de eremadaille verbonden aan de orde van Oranje Nassau, in zilver op. Ir. J. van Zwet, directeur, overhandigde een jubileum geschenk onder couvert namens Werkspoor. Ook vele collega’s kwamen in woord en geschenk jubilaris Van Hees in het zonnetje zetten. De gehuldigde, die als veertienjarige bij Werkspoor Utrecht is begonnen, heeft o.a. veel gedaan voor het kerk- en schoolbestuur van de r.k. Sint Ludgerusparochie.

Van Hees

De heer Van Hees, zeer gewaardeerd lid van de woningbouwvereniging ‘Zuilen’, er werd zelfs een straat naar hem vernoemd.

Geen aardappel! Voor het volgende knipsel is het interessant om eerst even het bercht op Wikipedia te lezen over de ‘Aardappeloproer’ van 1917:

‘In het begin van de twintigste eeuw kwam er meer voedsel binnen het bereik van arbeiders. De Eerste Wereldoorlog bracht daar verandering in. Nederland was niet in oorlog, maar ondervond wel hinder van de omstandigheden. De in- en uitvoer van goederen stagneerde. Brood en ander voedsel ging op de bon en er kwamen gaarkeukens. In januari 1917 was een rantsoen voor brood ingesteld. Op 28 juni 1917, toen er geen aardappel meer te krijgen was, werd in de volkswijken van Amsterdam bekend, dat er in de Prinsengracht een schip met aardappelen lag, bestemd voor het leger. De vrouwen uit de Jordaan stroomden toe en onder leiding van onder meer Bertha de Vries-De Hondt plunderden zij de schuit om hun gezinnen te kunnen voeden. Op de Oostelijke eilanden plunderden vrouwen treinwagons met aardappelen. Er was een groot tekort aan aardappelen, volksvoedsel nummer één. Wethouder Josephus Jitta wilde dat het volk haar eetgewoontes wijzigde en rijst ging eten dat wel voorradig was.’

Zo is de vermelding van de staking in het Utrechts Nieuwsblad van 4 juli 1917 beter te begrijpen.

Stakingen.

Ook bij Werkspoor (de Ned. Fabr. van Werktuigen en Spoorwegmaterieel) hebben gisteren 300 a 400 arbeiders uit protest tegen de aardappelpolitiek van de regeering het werk neergelegd, sommigen met het voornemen vandaag weer aan het werk te gaan, anderen met het doel, het werk te blijven staken totdat er weer voldoende aardappelen aanwezig zullen zijn.