Handige bliksems, die waren er wel in Zuilen

Met de grote fabrieken Werkspoor en Demka kenden Zuilen een groot aantal mannen die de boterhammen verdienden met hun handen. (En dan bedoel ik niet met het schuiven van een muis, of over een scherm vegen met de vingers!) Handige Bliksems! Zij konden vrijwel alles maken. Blijkt ook maar weer uit dt bericht in het Utrechts Nieuwsblad van 12 maart 1958:

Geraniumstraat

WAT denkt u dat dit is? slopen of opbouwen? Een tafereeltje zoals dit wel meer in Utrecht voorkomt, nu uit de Geraniumstraat 33, waar de heer G. Veenendaal (onder auto) een Morris 10 uit 1949 (!) opknapt. Van beroep is de heer Veenendaal vertegenwoordiger. In beschuit. Maar hij blijkt een technische knobbel te hebben. Niet alleen de wielen eraf, maar ook de motor uit elkaar. Als hij niet, zoals sommige amateur-wekkerreparateurs, straks een paar niet meer thuis te brengen radertjes en schroefjes overhoudt, zal hij van de zomer met vrouw en kind aardige tochtjes gaan maken. Zo motoriseert Nederland zich steeds verder.

Over een Volkswagen die snel gevonden werd.

Diefstal en bedrog is van alle tijden. (anders hadden we geen politie nodig.) Ook in Zuilen ging het dus wel eens mis. Maar dat een Volkswagen zó snel weer boven water kwam, was aanleiding voor de redactie van het Utrechts Nieuwsblad om u hierover op 11 maart 1964 te informeren met het volgende bericht:

Auto vier minuten na vermissing gevonden

Vier minuten heeft het dinsdagavond de Utrechtse politie gekost om een als vermist opgegeven auto op te sporen. Om 21.45 uur kwam de melding binnen. Om 21.49 uur waar de jongens al aangehouden die er met de auto vandoor waren gegaan.

De 42-jarige verzekeringsagent H.A.C. van Eewijk uit Zeist had de wagen in de Mgr. dr. Hoogveldstraat (Utrecht Noord) neergezet omdat hij in die straat iemand moest bezoeken.

Toen hij kwart voor tien buiten kwam en zijn auto miste, holde hij naar de dichtstbijzijnde telefooncel in de Jan Ligthartstraat. Hij vertelde de politie wat er aan de hand was er ging via de mobilofoon een bericht naar de surveillancewagens met het verzoek uit te kijken naar een Volkswagen met een bepaald kentekennummer.

In de Dr. Berlagestraat werd de auto gevonden. Twee jongens stonden er aan te prutsen, een 16-jarige lichtdrukker en een 17-jarige scholier. Zij waren tegen een boomstronk gereden en stonden nu de schade op te nemen.

De heer Eewijk kreeg zo dinsdagavond de auto weer terug, zij het ernstig beschadigd.

Pedagoogenbuurt

De Pedagogenbuurt in Zuilen, mét Volkswagen… Weet niet zeker of dit de Volkswagen uit het knipsel is, maar dat zou zomaar kunnen. Wie het weet mag het zeggen. (Rechts onder de Technische School Ir. Bardet, in de Bossenbroekstraat.)

 

 

Er kwam een nieuwe speeltuin in het oude Zuilen

Een speeltuin voor de jeugd mocht natuurlijk niet ontbreken. dus werd na de sloop van de speeltuin in de Wattlaan naar een andere locatie gezocht. En gevonden, blijkens dit bericht in het Utrechts Nieuwsblad van 10 maart 1939.

 

Speeltuin in Zuilen

——

ZUILEN, 10 Maart. – De Woningbouwvereeniging “Zuilen’’ heeft, zooals wij reeds eerder schreven, pogingen aangewend een eigen speeltuin te krijgen. Deze pogingen zijn geslaagd en de plannen zijn thans zoover dat spoedig verwezenlijking kan worden tegemoet gezien.

Zuilen kent reeds de zeer goed geoutilleerde speeltuin van de Woningbouw “Utrecht’’, doch deze speeltuin, de tweede in Zuilen, zal hiervoor niet behoeven onder te doen. De speeltuin in Elinkwijk zal eerlang verdwijnen.

De tuin der woningbouwvereeniging “Zuilen’’ is geprojecteerd op een terrein dat gelegen is achter de huizen aan de v.d. Pekstraat en de huizen aan de Hanrathstraat.

In de v.d. Pekstraat, naast de thans bestaande huizen zal de ingang komen, welke 2 M. breed wordt.

De totale oppervlakte bedraagt pl.m. 1300 M2. Verschillende speelwerktuigen zullen worden aangebracht, zoals: 3 groote- en 6 kleine schommels, draaimolen, vliegende Hollander, enkele en dubbele roeischommel, Oceaangolf en een zandbak van pl.m. 50 M2.

Deze toestellen zullen langs de randen komen, zoo, dat er nog een groot middenterrein overblijft. Dit midden terrein wordt verhard, terwijl de strook waar de toestellen komen betegeld wordt. Langs de kanten wordt dan nog een plantenstrook aangebracht. Aan den ingang zal een wachthuisje worden gebouwd, waarin toiletten. In het geheele plan wordt een rioleering aangebracht waardoor een goede afwatering van het terrein wordt verkregen.

Speeltuin

Hier ziet u een ansichtkaart van die speeltuin achter de Van der Pekstraat. De kinderen uit deze buurt maakten gretig gebruik van dit vermaak.

Voorzitter Gemeenschapsraad C.F. de Wilde

Minister Beel stelde naar aanleiding van de annexatie van Zuilen per 1 januari 1954 een Gemeenschapsraad in. De eerste voorzitter was de heer Kievit, die werd na zijn overlijden opgevolgd door de heer C.F. de Wilde. Naar aanleiding van diens jubileum bij de Demka schreef men in het Utrechts Nieuwsblad van 6 maart 1963 het volgende:

Huldiging jubilaris C.F. de Wilde

„Zuilens eerste burger”, werd gekscherend de heer C.F. de Wilde genoemd tijdens zijn huldiging in de kantine van de Koninklijke Staalfabriek DEMKA te Zuilen, bij welk bedrijf hij dinsdag veertig jaar in dienst was.

De heer De Wilde is namelijk voorzitter van de Zuilense Gemeenschapsraad en heeft zo veel relaties, dat het later ook in het SEB-gebouw, waar een receptie werd gehouden, bijzonder druk werd.

Ir. E.D. Cartier van Dissel voerde namens de directie van DEMKA het woord. Hij herinnerde eraan dat de heer De Wilde, die bedrijfsassistent op de smelterij is, de omschakeling van dit bedrijf had meegemaakt en zeer verdienstelijk werk heeft gedaan.

Niet alleen op technisch maar ook op sociaal gebied en in het belang van het DEMKA-personeel. Als jubileumgeschenk werd een koffergrammofoon aangeboden.

De chef van de smelterij, ir. J.H. Westerman, roemde de kwaliteiten van de jubilaris als leermeester van de jongeren en overhandigde namens de beambten een gasgeiser. Verdere sprekers waren de heer C. Pot namens de beambtenraad én de voorzitter van de fabriekscommissie, de heer J. Pagie. Beiden schonken bloemen.

In het SEB-gebouw was de heer M. van Donk de woordvoerder namens dagelijks bestuur en leden van de Zuilense gemeenschapsraad. De heer G. Groen sprak namens de afdeling VII van de Partij van de Arbeid en de heer J. Kool vertegenwoordigde de oudercommissie van de Prinses Beatrixschool, waarvan de heer De Wilde voorzitter is. Ook hier werden vele geschenken aangeboden. Het Utrechtse gemeentebestuur zond een bloemstuk en een schriftelijke felicitatie.

De Wilde. H. Westerman, chef van de smelterij van de Demka, biedt de jubilerende C.F. de Wilde (rechts) een gasgeiser aan.

 

Hanselaar, beroemd in heel Zuilen en meer.

Ja, kom daar maar eens op: Joh. Hanselaar noemde de door hem opgerichtte toneelvereniging Zuilens Onderling Toneel (z.o.t.). Over hem lezen we een artikel in het Zuilens Nieuwsblad van 12 maart 1981. Dit schreef men naar aanleiding van zijn overlijden:

Toneel was zijn leven.

Joh. Hanselaar (74) overleden.

Utrecht – Op 74-jarige leeftijd is op 5 maart na een kortstondige ziekte de heer Joh. Hanselaar overleden. De heer Hanselaar, die vanaf augustus 1936 aan de Sweder van Zuylenweg 63 heeft gewoond is dinsdagochtend onder grote belangstelling gecremeerd in het crematorium Daelwijck. Joh. Hanselaar genoot in Zuilen, maar ook daarbuiten, vooral bekendheid door zijn hartstocht voor alles wat met toneel te maken heeft.

Ludgerustoneel.

Op 18-jarige leeftijd startte hij in Zuilen zijn (amateur) toneelcarrière als regisseur van vele voorstellingen van het Ludgerustoneel. Tegelijkertijd was hij regisseur van ‘Nicto’, de toneelvereniging van de Nicolaasparochie. Grote furore maakte hij bij ‘Ons Toneel’, een zeer grote vereniging die veelal in het gebouw van K. en W. aan de Mariaplaats optrad. Ook op oudere leeftijd bleef Joh. Hanselaar zijn liefde voor het toneel uitdragen. In het dienstencentrum Zuilen was hij de grote inspirator van het Zuilens Onderling Toneel (ZOT) en was hij als zodanig lid van het dienstencentrum. Volksbelang. Daarnaast vervulde hij ook nog andere functies in het verenigingsleven. Zo was hij in de begintijd van ‘Volksbelang’ als bestuurslid actief en verzorgde hij de cabaret- toneel- en showavonden. Ook is hij jarenlang 2e voorzitter geweest van accordeonvereniging ‘Juliana’. Voor zijn pensionering was de heer Hanselaar vertegenwoordiger van een levensmiddelenfabriek. In deze functie was hij in de oorlog verantwoordelijk voor de distributie van bonnen en hielp hij menig Zuilenaar via omwegen aan eten en drinken. Ook was hij één van de eersten die in Zuilen een EHBO-post runde, wat vooral bij razzia’s van groot belang was.

Hanselaar

De gemeentesint van Zuilen woonde op de Sweder van Zuylenweg 63. 

Werkspoor bouwde de Demkaspoorbrug over het Amsterdam-Rijnkanaal

Bij de Demka-fabrieken was de bocht in het Amsterdam-Rijnkanaal door de toegenomen drukte op het kanaal en steeds groter wordende vaartuigen een gevaarlijke plek geworden, hij moest worden verbreed, maar dat kon pas als de oude Demkaspoorbrug vervangen werd. Tsja, en de bouwer ‘woonde’ ernaast, dus kon Werkspoor aan de slag in zijn eigen achtertuin.

Hierover lezen we in de Werkspoor Courant van 4 maart 1966:

NIEUWE SPOORBRUG OVER AMSTERDAM-RIJNKANAAL

Tijdens het weekeinde van zaterdag 29 en zondag 30 januari j.l. zijn onder gunstige weersomstandigheden met behulp van de drijvende bokken “Jumbo’’ en „Gazelle’’ de 2 liggers geplaatst over het Amsterdam-Rijnkanaal.

De eerste ligger gemonteerd. De tweede ligger wordt ingevaren met behulp van de drijvende bokken, (zie rechts).

De 2 liggers vormden als het ware een sluitstuk in de 1e montagefase De 2e fase begint met de montage van de boog. Zowel zaterdag als zondag was de belangstelling zeer groot. Behalve veel vertegenwoordigers van de pers en T.V. waren ook de genodigden van de directies van de Nederlandse Spoorwegen, Werkspoor-Utrecht N.V., en Wescon N.V. in het casino van Demka aanwezig.

Demkaspoorbrug b

Invaren van de eerste ligger van de Demkaspoorbrug  met behulp van de drijvende bokken Jumbo en Gazelle (gewicht ± 220 ton).

De heren Hofman (N.S.) en Schor (W.S.U.) gaven een uiteenzetting over het ontwerp, de fabricage en de montage van de brug. De plaatsing van de 2 liggers was een uiterst nauwkeurig karwei, daar deze delen van 80 x 10 m, elk wegende ± 220 ton, door de nauwe bocht in het kanaal geen ruimte overlieten in hijshoogte e.d.

De delen voor deze Demkaspoorbrug zijn vervaardigd in de werkplaatsen van Werkspoor-Utrecht N.V.

Demkaspoorbrug c

Montage van de tweede ligger. Men is bezig met de aansluiting op de zuidzijde.

Juli 1965 is begonnen met de montage, nadat alle voorzieningen waren getroffen, als hulpstellingen, kranen e.d. Daar het Amsterdam-Rijnkanaal ter plaatse nog niet op de definitieve breedte is gebracht ligt de nieuwe grote overspanning nog voor de helft boven land. Hiervan is bij de montage gebruik gemaakt door een zwaar hulpsteunpunt te maken in het midden van de overspanning, vlak naast de kanaalkant. Later zal dit steunpunt verdwijnen als het kanaal ter plaatse zal worden verbreed. Men is begonnen de kleine overspanning van 40 meter aan de zuidzijde met behulp van mobiele kranen te monteren op stellingen. Vervolgens is van het tijdelijke midden-steunpunt uit in noordwaartse richting de helft van de grote en de kleine overspanning afgemonteerd.

Om nu het resterende gedeelte, boven het huidige kanaal, te kunnen bouwen, zijn de betrokken twee hoofdliggers tegelijkertijd aan de kanaaloever gemonteerd. Het zijn zware vakwerkliggers, die 9,50 meter hoog, 85 meter lang en 200 ton zwaar zijn. Zij worden elk met twee drijvende bokken opgetild en ingevaren. Door deze werkwijze bereikt men, dat het kanaalverkeer slechts twee dagen en dan nog maar gedurende enige uren is gestremd.

Demkaspoorbrug d

Aansluiting van de tweede ligger op de pijler zuidzijde.

Met het extra middensteunpunt is de constructie in staat zichzelf te dragen. De montage van de boog zal aansluitend geschieden. In de zomer van 1966 zal de brug geheel zelfdragend zijn, zodat de hulpsteunpunten kunnen worden verwijderd.

 

Over een kort bestaand instructiebad Zuilen

Het ‘Instructiebad Zuilen’ was nog een wens van het Zuilense gemeentebestuur (dus vóór 1954). Zij hadden hiervoor f 600.000 gereserveerd. Pas in september 1967 werd het gerealiseerd (en Winkelcentrum Rokade dat in 1999 werd geopend zorgde voor een zeer kort bestaan van dit instructiebad!) De redactie van het Utrechts Nieuwsblad schreef op 3 maart 1964 al over de teleurstelling die het uitblijven van een instructiebad teweegbracht:

Teleurstelling in Zuilen

Bouw van zwembad gaat voorlopig niet door

Rijksgoedkeuring nog niet in uitzicht

(Van een onzer verslaggevers)

De blijdschap bij de leden van de Zuilense gemeenschapsraad tijdens de vorige vergadering, omdat spoedig met de bouw van een school- en instructiebad zou kunnen worden begonnen, is voor niets geweest. Burgemeester en wethouders van Utrecht hebben een brief van de minister van volkshuisvesting en bouwnijverheid gekregen, waaruit blijkt dat voorlopig geen rijksgoedkeuring voor de bouw van dit bad in uitzicht kan worden gesteld. De heer Lebbink (PvdA) was daarover erg teleurgesteld en vroeg het dagelijks bestuur op dit punt te willen blijven „hameren”.

Geen zwembad nog in Zuilen, maar wel een paar plasvijvers. Er komt er een aan het Queeckhovenplein en wanneer men de wens van de gemeenschapsraad volgt, niet te dicht bij de bejaardenwoningen. Ook wil het gemeentebestuur de parkeerplaats aan het Theo Thijssenplein bij warm weer onder water zetten. Mevrouw Hooyboer (KVP) was bang dat het dan een „kledderboel” zou worden. Zij en ook de heer Blom (chr. part.) waren van mening dat beter in de groenstrook van de Wibautstraat een dergelijke plasvijver zou kunnen worden aangelegd.

De Utrechtse Postduivenvereniging Het Noorden wil aan de Réamurlaan een verenigingslokaal en vijf autoboxen bouwen. De gemeenschapsraad toonde hiertegen geen bezwaar te hebben. Evenmin had men bezwaar tegen het feit dat de vereniging Volksbelang tussen 9 en 15 augustus aan de Adriaan van Bergenstraat een wijkkermis gaat houden.

Met de voorgenomen verbeteringen aan het sportcomplex Thorbeckelaan bleek men tevreden te zijn. Er was enige vrees bij het dagelijks bestuur dat HMS wel eens van dit complex „uitgerangeerd” zou worden. De heren Vergeer (KVP) en Van der Slot (PvdA) konden deze vrees echter wegnemen.

Bij HMS heeft — volgens de heer Vergeer — de wens wel eens geleefd alle afdelingen bij elkaar te krijgen op één sportcomplex in Overvecht (deze zijn nu over meer complexen verspreid). Men is van deze gedachte echter teruggekomen. De heer Vergeer wilde wel graag weten of de verenigingen die het complex Thorbeckelaan bespelen in de voorgenomen veranderingen zijn gekend.

Instructiebad

Het instructiebad Zuilen aan de Dr. Max Euwestraat 10. Moest het veld ruimen voor de komst van winkelcentrum Rokade. (Foto uit de collectie van Het Utrechts Archief)

 

De Gemeenschapsraad Zuilen over: rolschaatsen

Minister Beel bepaalde bij wet dat na de annexatie van Zuilen een gemeenschapraad de Zuilense belangen bij B. en W. van Utrecht (ook over het rolschaatsen) moest behartigen. Dat ging niet altijd in goede harmonie, de frustratie over uitblijven van informatie vanuit Utrecht was groot. Het Utrechts Nieuwsblad van 2 maart 1955 werd een vergaderverslag geplaatst:

VERGADERING GEMEENSCHAPSRAAD

Plannen voor jeugd in de maak

Men wist niets af van woningbouw aan de Burg. Norbruislaan

In de gisteravond gehouden vergadering van de Gemeenschapsraad voor Zuilen deelde de heer C.F. de Wilde naar aanleiding van de notulen mede, dat van de aanvragers voor volkstuinen een deel wel bericht heeft ontvangen, een ander deel niet. Hij vroeg naar de reden daarvan. De secretaris deelde mede, dat het mogelijk is, dat er aanvragers zijn voor tuinen, waarop spoedig met de bouw van een of ander zal worden begonnen. Degenen, die nog geen bericht ontvingen, worden verzocht zich bij de Gemeenschapsraad te melden.

Het rapport van de Commissie Verlichting Wijk Mariëndaal, waarin wordt gezegd, dat er geen aanleiding is bij B. en W. op betere verlichting aan te dringen, werd goedgekeurd.

Bij de behandeling van het antwoord van het Gemeentebestuur van Utrecht betreffende de wateroverlast bij de Burg. Norbruislaan werd er op gewezen, dat in dit antwoord werd gezegd, dat men in Juli op de bedoelde terreinen zal gaan bouwen. Gevraagd werd, of daaromtrent bij de Gemeenschapsraad al iets bekend is. Zowel door de voorzitter als door de heer H.C. de Wit werd medegedeeld, dat daaromtrent nog niets bekend is. Het bestuur zal ten deze informeren.

Bij het punt, waarin door B. en W. werd medegedeeld, dat er plannen in voorbereiding zijn over te gaan tot de bouw van 150 vervangings-woningen op een terrein bij de Schaakwijk, deelde de voorzitter mede, dat aan het gemeentebestuur van Utrecht is gevraagd, wat de bedoeling hiervan is.

De heer A.J. Kuipers verwonderde er zich over, dat ten deze nog niets bekend is, terwijl de heer H.C. de Wit het betreurde dat men niet ten volle is ingelicht. Uit een schrijven van B. en W., dat werd voorgelezen, bleek, dat men nog even op nadere gegevens zal moeten wachten.

Bij de bespreking van het uitbreidingsplan Nieuw Zuilen III werd door de heer De Wilde gewezen op de speelgelegenheden voor de jeugd. Het gebeurt vaak, dat kinderen die op grasvelden en gazons spelen worden weggejaagd. Het rolschaatsen bij de scholen is verboden. Ook het knikkeren of steen- of bamwerpen mag niet. Spr. vroeg of er geen sportveldjes voor de jeugd kunnen worden aangelegd. Spr. vroeg het bestuur hiervoor plannen te ontwerpen. De heer A. Kuipers deelde naar aanleiding daarvan mede, dat in zijn fractie, (R.K.), reeds plannen zijn samengesteld, doch nog niet bij het bestuur van de Gemeenschapsraad zijn ingediend.

Daarin wordt voorgesteld het toezicht op de jeugd in andere banen te leiden, o.m. door het vormen van jeugdcorpsen, het samenkoppelen van een jeugdboerderij met gelegenheid voor huisvlijt, enz. Besloten werd een Commissie ter bestudering van al deze plannen te benoemen, welke zal bestaan uit de voorzitter, de heer K. Kievit, de heren A.J. Kuipers, C.F. de Wilde, C. Heuvel, Mevr. Hania en mevr. Rietveld-Beemer.

De Gemeenschapsraad had daartegen geen bezwaar.

In een geheime bijeenkomst werd daarna besproken de Nota betreffende het verlenen van uitvoerende bevoegdheid aan de Gemeenschapsraad.

 

Rolschaatsen

 

Fotobijschrift: … Het rolschaatsen bij de scholen is verboden… dat was vermoedelijk de reden dat er in Zuilen verschillende rolschaatsbanen werden aangelegd. Bij Het Schaakwijk (op de foto de ‘Rollende Rijders’), bij het Queeckhovenplein en bij de Jan van Zutphenlaan. 

 

 

Bouw van de flats aan de Prins Bernhardlaan van start.

De groei van Zuilen was direct na de Tweede Wereldoorlog tumultuleus. Alle middelen om de woningnood te lenigen werden ingezet. Zo ook de duplexwoningen aan de Prins Bernhardlaan. Hoogbouw in Zuilen, de eerste galerijflats in beeld. Het Utrechts Nieuwsblad  schreef op 1 maart 1950 hierover:

Eerste Steenlegging

door de heer M.A. Reinalda

Prins Bernhardlaan

De heer Reinalda metselt de eerste steen van de flatgebouwen aan de Prins Bernhardlaan in Zuilen, met de bouw waarvan thans is begonnen. Achter de Commissaris der Koningin mevr. Reinalda-Deen en andere genodigden.

Bij hoogbouw-flats te Zuilen

Hedenmorgen had in Zuilen de eerste-steen-legging plaats voor de twee Flatgebouwen, die zullen verrijzen op een terrein aan de Prins Bernhardkade  (Net als de Van Tuyllkade en de Van Hoorne- en Van Egmontkade dacht men de middenberm te voorzien van water. Dat ging niet door en daarom werd het uiteindelijk Prins Bernhardlaan.)  (Westzijde). De Plechtigheid geschiedde door de Commissaris der Koningin, de heer M.A. Reinalda.

Des morgens half elf werd de Commissaris in de Raadszaal van het Zuilense gemeentehuis ontvangen. Daar waren tevens verschillende genodigden aanwezig, onder wie we o.m. opmerkten: ir. J.F. Cusell, hoofding. Dir. Prov. Wederopbouw; P. Postma, insp. van de Volkshuisvesting; de burgemeesters van Maarssen, Maartensdijk, Vreeland, Harmelen, Jutphaas, Mijdrecht, Vinkeveen, Breukelen en Westbroek-Achttienhoven, de wethouders van Zuilen: K. Kievit, Th.W. Ruygrok en H.C. de Wit; A.J. van der Weerd, gem. secretaris; A.G. van Vliet, dir. van gemeentewerken; H. Verhagen, Hoofdinsp. van Politie; W.C. van Hoorn, gem. architect, vele leden van de gemeenteraad: C.J. v.d. Voorn, aann. van de bouw, en Brinkman, opzichter.

Welkomstwoord burgemeester.

De burgemeester sprak er zijn vreugde over uit, dat aan de uitnodiging was gevolg gegeven, welke uitnodiging niet zou zijn geschiedt, wanneer het hier niet iets aparts gold. Dit aparte zit hierin, dat het Ned. volk voelt, dat een andere weg moet worden gevolgd t.o.v. de woningbouw. De moeilijke omstandigheden dwingen daartoe: weinig geld, geen grond en grote behoefte aan woningen. Men zal de oplossing moeten zoeken in flatbouw, de hoogbouw. Later zal door een kleine verandering van twee woningen één kunnen worden gemaakt en deze dus geschikt zijn voor grotere gezinnen. Een proeve op deze wijze acht spr. verantwoord en daarom werd een beroep gedaan op de Commissaris der Koningin om deze eerste steen te leggen.

Toespraak M.A. Reinalda.

De Commissaris zei o.m.: Ons land, met bijna 11 millioen zielen, is België voorbij gestreefd en het dichtstbevolkte land geworden. Terecht heeft men zich steeds bezig gehouden met de bouw van eengezinswoningen, maar men kan echter zo niet doorgaan en de aanwas van de bevolking noopt tot hoogbouw, ook in de dorpen. Het verheugt spr. dat vele burgemeesters reeds in die richting werkzaam zijn. Spr. bewondert de drang, die bij burg. Norbruis aanwezig is, om levensgeluk te brengen aan de bevolking en het te geven licht en ruimte. Gaarne wordt dit als voorbeeld gesteld.

Maquette van de Duplex Flat

Na deze toespraak werd de maquette van de flatbouw getoond, waarna men zich naar het terrein begaf van de eerste steenlegging. Het opschrift van de steen luidt: De eerste steen van dit Flatgebouw werd op 1 maart 1950 gelegd door M.A. Reinalda, Commissaris der Koningin in de Provincie Utrecht.

Maquette Bernhardlaan

[Iemand enig idee waar deze maquette van de flats aan de Prins Bernhardlaan  gebleven is?]

Na de plechtigheid begaf men zich voor het gebruiken van een kop koffie naar het Juliana-Restaurant.

Inbraak in de Zuilense De Gruyterwinkel berecht.

Toegegeven: het is geen stijl, een inbraak plegen. Zeker niet voor een matroos. Dus… voor de krijgsraad met die jongeman. Het Utrechts Nieuwsblad van 28 februari 1959 schreef erover.

President zeekrijgsraad tegen Utrechtse matroos:

Breng vakantie eens in gevangenis door …

(Van een onzer verslaggevers)

Dit had de jeugdige matroos bij de Marine K.A. K. uit Utrecht, thans met groot verlof, op zijn geweten, toen hij terechtstond voor de krijgsraad voor de zeemacht in Den Haag: tien oktober van het vorig jaar had hij samen met een paar kameraden tijdens een inbraak 42 repen chocolade gestolen uit een noodwinkel van de firma P. de G. aan de 8int-Willibrordusstraat in Utrecht noord (Zuilen).

  1. kende de weg, kort tevoren hadden hij en zijn kameraden in dezelfde noodwinkel chocolade gestolen. De winkelruit hadden ze met een scherp voorwerp op de gewenste hoogte stukgemaakt. De winkelier had na de diefstal hardboard voor zijn kapotte etalage gemaakt, maar K. vond dat geen bezwaar. Hij duwde betimmering opzij en verdeelde de 42 repen „eerlijk” onder zijn vrienden. Ter plaatse werd een aantal repen genuttigd. De rest werd voor later bewaard.

„Dit is geen kwajongensstreek meer” oordeelde de fiscaal bij de zeekrijgsraad  mr. Spoor. Hij herinnerde eraan dat beklaagdes kameraad door de politierechter in Utrecht tot zes weken is veroordeeld. Mr. Spoor vond dat beklaagde eveneens streng behoort te worden aangevat. „Dit optreden lijkt verdacht veel op inbraak”, zei hij. Het feit dat beklaagde tweemaal aan eenzelfde diefstal schuldig was, woog voor hem mee bij het bepalen van zijn eis. Hij vorderde twee weken gevangenisstraf onvoorwaardelijk tegen de Utrechter.

De raadsvrouwe zag echter nog wel verlichtende omstandigheden. Haars inziens was het optreden van beklaagde te verklaren uit een soort braniezucht. De eerste diefstal was niet door hem gepleegd. Een van zijn kameraden had voorgesteld eens een greep te doen in een van de noodwinkels aan de St.-Willibrordusstraat. De tweede maal moest beklaagde tonen dat hij ook wat mans was en de diefstal werd voor hem een kwestie om tegenover zijn vrienden zijn stand op te houden. Echte misdadigheid zat er bij beklaagde, volgens de raadsvrouwe, niet bij.

Zij zag dan ook alle aanleiding een voorwaardelijke straf aan beklaagde op te leggen. Bovendien vreesde ze dat beklaagde zijn werkkring bij een Utrechts constructiebedrijf zou verliezen. De president, mr. Veldman, vond een Salomon’s oplossing. Op zijn vraag of K. vakantie te goed had, antwoordde verdachte bevestigend. Als je je vakantie dan eens in de gevangenis doorbrengt? stelde hij beklaagde voor.

Met een zuur gezicht knikte deze hierop toestemmend. Ook de fiscaal bleek voor een dergelijke oplossing wel te voelen …

De Gruyter de winkel van de inbraak

Fotobijschrift: In Zuilen vestigde zich ook dé grootgrutter van die tijd, n.l. P. de Gruyter & Zn. Een zeer groot bedrijf met uitsluitend ‘eigen merk’ producten. Niet alleen de koffie en thee, maar ook alle andere artikelen die men er verkocht waren van het huismerk. Deze grootgrutter uit ’s Hertogenbosch was gevestigd op de hoek van de Amsterdamsestraatweg en de Sweder van Zuylenweg. De bekende reclameslogan die men gebruikte was: Èn betere waar, èn tien procent, alleen de Gruyter. De firma werd beroemd door zijn ‘Snoepje van de week’. De foto is van ruim vóór de inbraak. Zo, en dan nu de foto: rechts dat fietsenwinkeltje gezien? Dat wordt later een schoenenwinkel van de heer Leeuwis, onder de naam Het Panterhuis.