Julianapark mooier, met dank aan de werklooze jongens in Zuilen

Over de uitbreiding van het Julianapark – waarvoor op grote schaal ‘werklooze jongens’ werden ingezet, lezen we in het Utrechts Nieuwsblad 5 van februari 1935:

Werklooze jongens aan den arbeid

Uitbreiding Julianapark

Er ontstaat een prachtige tuin, tot de mooiste van het land behoorend.

ARBEID VAN MOREELE EN OPVOEDENDE WAARDE.

Er wordt een mooi werk verricht, daar ginds, onder Zuilen bij het Julianapark, dat thans een uitbreiding gaat verkrijgen met het perceel grond, dat geklemd ligt tusschen den weg naar Werkspoor, den straatweg en het reeds bestaande park.

M o o i  w e r k.  Niet alleen omdat er gearbeid wordt aan de uitbreiding dan het zoo fraaie Julianapark, dat nu nog mooier en grooter zal worden, maar ook omdat er hier belangrijk sociaal en paedagogisch werk wordt verricht. De parkaanleg geschiedt immers in werkverschaffing voor jeugdige werkloozen. Jongelui, die anders misschien in het geheel niet aan den slag zouden kunnen komen, krijgen hier de gelegenheid de handen uit de mouwen te steken en hun lichaam, dat naar daden dorst, te ontspannen in stoeren arbeid. De moreele beteekenis daarvan onderschatte men niet. Denkt men zich wel een in, wat het beteekent voor een jongen man, die tot volwassene rijpt, zijn dagen in nutteloos slenteren te verdoen? Beseft men wel voldoende, dat het juist die lediggang is, die de jongens op de verkeerde paden brengt. Wij bedoelen niet, dat ze door nietsdoen het pad opgaan, dat hen naar de gevangenispoort zal voeren, maar hun jonge lichaam gaat zich richten naar het sloome nietsdoen, went hen niet aan werken, maakt hen derhalve minder geschikte voor den strijd om het bestaan, die ook zij te strijden zullen krijgen. Daarom is de gelegenheid om althans een deel der jongeren aan het werk te wennen, niet minder als een zegen te beschouwen.

Mooie arbeid.

En juist het werk, dat hier onderhanden genomen is, is voor dit doel zoo uitmuntend geschikt. Het gaat hier niet om arbeid, die tóch verricht zou moeten worden. Het betreft hier een werk van moreele, meer dan van materieele waarde. In dezen tijd is parkaanleg iets moois en iets nuttigs, maar het is niet noodzakelijk. Utrecht zou materieel volkomen even weerbaar zijn zonder grooter Julianapark. Maar het wordt nu aangelegd ter wille van het jonge geslacht, ter wille van een economisch weerbaar houden en maken van de jongelui. Dat er daarbij een ideale winst te boeken is in den vorm van een fraai park, mag tot verheugenis stemmen. Maar wat nog verheugender is, is, dat in dat vergroote park de jongelui zich zelf een monument scheppen, dat hun nog lange jaren tot groote vreugde zal blijven.

Zeiden wij dus teveel, toen wij schreven, dat er daar aan den Amsterdamschen Straatweg mooi werk wordt verricht? Wij  w i s t e n  dat alles al, vóór wij ons vanmorgen naar het Julianapark begaven om het werk, dat hier verricht wordt, eens in oogenschouw te nemen; toen wij een uurtje op het terrein geweest waren, waren wij in die meening nog versterkt. Het is echter niet alleen een mooi werk dat hier verricht wordt, het is ook een zeer groot werk. Ofschoon het heel moeilijk is den tijdsduur met eenige nauwkeurigheid te schatten, omdat het hier gaat om werk, dat door ongeschoolden verricht wordt, kan toch wel aangenomen worden, dat het geheele werk een klein jaar zal vorderen.

Hoe het wordt.

Parkaanleg eischt heel wat meer arbeid dan zoo oppervlakkig gedacht wordt. Het is volstrekt niet alleen graven van kuilen om daarin planten te zetten. De uitbreiding van het Julianapark krijgt immers een speelweide van 11000 m2. oppervlakte. Die speelweide krijgt een waterleiding om haar te kunnen besproeien bij droog weer en een drainagestelsel om te zorgen, dat de grasmat nimmer onder water zal staan. Men zal willen begrijpen, dat dit waterleiding- en drainagestelsel heel wat arbeid en geld kost, van welken arbeid en welke kosten men eigenlijk nimmer direct iets zien zal. En tóch zal dit alles daadwerkelijk bijdragen aan de schepping van een park, dat het ideaal nadert.

Deze arbeid vergt tevens omvangrijk voorbereidend werk. De drainagebuizen moeten zeer ondiep liggen en een zeer flauwe helling hebben, opdat het water gemakkelijk afvloeie. Daarom moet het terrein geëgaliseerd worden, wat omvangrijk waterpassen eischt.

Dit waterpaswerk is nu achter den rug, evenals het leggen van de waterleiding. De drainage volgt nu. Daarna moet de grond de noodige bewerking ondergaan, opdat hij geschikt worde voor parkaanleg, want de zeer dichte en dikke kleilaag is daarvoor minder geëigend. En tenslotte moet er dan nog gemest worden. Daarna eerst kan met de beplanting begonnen worden., die zich moet aansluiten aan de bestaande, zoodat er een harmonisch geheel met het oude deel van het park kan ontstaan. Het nieuwe deel krijgt dan ook geen zware bebossching maar heesterbeplanting. De begroeiing blijft laag, zoodat de hoogere bestaande boomen den achtergrond zullen vormen. Dicht aan den Amsterdamschen Straatweg komt een rozenpark, dat harmonisch wordt opgenomen in het geheel. Aan de stadszijde van de speelweide zal een theehuis verrijzen met groot terras en verder naar de eisschen ingericht, terwijl de muziektent wordt verplaatst naar den anderen kant der speelweide.

Het hertenkamp.

Het hertenkamp ondergaat eenige uitbreiding, waardoor het een nog wat meer onregelmatigen vorm verkrijgt en daardoor een slingerende weg er omheen, terwijl er voorts een rustig vogelboschje wordt aangelegd, waarin de schuwe vogels rustig en ongestoord zullen kunnen nestelen. Door dit alles belooft het Julianapark met zijn fraaie dierenverzameling niet alleen het mooiste park van Utrecht, maar een der aantrekkelijksten van het geheele land te worden.

Dit alles zal door jongelui tot stand gebracht worden. Reeds zijn er onder leiding van en heer P.G.  v a n  N i e u w k e r k, opzichter 1e klasse van Gemeentewerken, een twintigtal jongens aan het werk. Geleidelijk zal dit aantal worden opgevoerd tot een 45-tal. Voor het grondwerk kunnen geheel ongeschoolden gebruikt worden, bij den bouw van het theehuis zullen jongens aangewezen worden, die eenige bekwaamheid bezitten, derhalve het gereedschap kunnen hanteeren. Want de tewerkstelling geschiedt steeds voor 8 weken en het is practisch niet mogelijk om jongelui binnen dien tijd eenige timmervaardigheid bij te brengen. De beplanting zal geschieden onder leiding van den plantsoendienst, terwijl bij het grondwerk bijv. nog gebruik wordt gemaakt van de assistentie van een volleerd grondwerker, die den jongens tot lichtend voorbeeld dient.

Werkloozen

 

Zo komt een straat aan zijn naam: de Prinses Beatrixlaan

Over het ‘ontstaan’ van de Prinses Beatrixlaan in Zuilen lezen we in het Utrechts Nieuwsblad 4 februari 1938. (Overigens, ‘ontstaan’ is wat zwaar aangezet: de Hovenierslaan is voortgekomen uit een ‘pad’ dat de gebruikers van het industrieterrein aan de Fortlaan min of meer zelf creëerden. Zij konden via dit pad sneller naar de Daalseweg richting Utrecht…)

‘PRINSES BEATRIXLAAN TE ZUILEN

ZUILEN, 4 Febr. – B. en W. hebben besloten den naam Hovenierslaan te veranderen in Prinses Beatrixlaan. Verder heeft men aan de laan, lopende langs het Julianapark en het voormalige Herculesveld, den naam gegeven van Julianaparklaan.

Reeds eerder is besloten den geprojecteerden weg in het verlengde van de Burgemeester van Tuyllkade te noemen: Prins Bernhardkade.’

Het voortvarende gemeentebestuur van Zuilen was er als de kippen bij om een straat in haar gemeente te noemen naar het pasgeboren prinsesje. Tegelijkertijd werd besloten het koningshuis ook op andere plekken in Zuilen te eren met een laan: langs het ‘Juliana’park en, (geef maar toe, in plaats van ‘Verlengde Burgemeester van Tuyllkade’, dat kan beter) de ‘Prins Bernhardlaan’ werd een prima oplossing.

Prinses Beatrixlaan

De Prinses Beatrixlaan werd in Zuilen geroemd om zijn prachtige bomen, die met hun rose bloesem in het voorjaar in de herinnering van menig bewoner (of bezoeker) is blijven hangen.

Typisch, letterlijk ‘geveld’ door de griep

Knipsel uit het Utrechts volksblad van 3 februari 1941. Is het al oorlog, krijg je ook nog de griep!

De griep werd hem te machtig

Zondagavond tegen negen uur viel de 25-jarige wielrijder V. op de Catharijnebrug van zijn fiets. Bij onderzoek bleek, dat hij door een zware verkoudheid en opkomende griep duizelig was geworden. De man was niet in staat zijn weg te vervolgen en moest door de G.G.D. naar zijn woning in de Lelimanstraat te Zuilen worden gebracht.

Wat heet onvoorzichtig spel?

De jeugd van Zuilen vermaakte zich op alle mogelijke manieren. Soms was dat onvoorzichtig en met grote gevolgen. Hierover lezen we in het Utrechts Nieuwsblad van 2 februari 1962:

Jongens (9 en 10) gewond bij onvoorzichtig spel

Zeer onvoorzichtig spel met vuur heeft twee jongens van 9 en 10 jaar oogletsel toegebracht. Bij een van hen was het zelfs zo ernstig, dat hij in het Ooglijdersgasthuis te Utrecht moest worden opgenomen.

De vader van deze laatste jongen, Jan Willem van Wijk, Prins Bernhardlaan 4 eenhoog, is het zaterdag bij de politie komen vertellen. Jan Willem had met zijn 10-jarig vriendje Johan Elshof, M. de Klerkstraat 4-A, sneeuw gestopt in de afvoer van een gaskachel van het hervormd wijkcentrum Mariëndaal aan de Prins Bernhardlaan 2. Het vuur doofde, waardoor er ’n opeenhoping van gassen ontstond. Toen de jongens hierna met een brandende lucifer bij de afvoerpijp kwamen, explodeerde dit.

Jan Willem kreeg een eerstegraadsverbranding aan zijn gezicht, waarbij ook zijn ogen werden gehavend. Een voorbijganger heeft hem met zijn auto naar het Ooglijdersgasthuis gebracht.

De wonden van Johan Elshof waren niet van dien aard dat hij naar een ziekenhuis moest worden gebracht. Hij wordt nu thuis verpleegd.

Wijkcentrum Mariëndaal

Het gebouw in kwestie, nog naast de oude flats van de Prins Bernhardlaan.

 

 

Schaken op school, ook in Zuilen

Over de mogelijkheden van het schaken op scholen in Zuilen lezen we in het Utrechts Nieuwsblad van 1 februari 1954

Schoolschaken

Vanaf heden tot en met 10 Februari a.s. kunnen inschrijvingen voor het SGS-Schoolschaakkampioenschap worden ingediend bij de wedstrijdleider van de SGS, de hr. M.M. Schoep, Prins Bernhardlaan 40 A I te Utrecht.

Er wordt gespeeld in twee categorieën, waarvan A de sterkere teams en B de zwakkere teams zal omvatten. Men is vrij om in te schrijven voor de categorie van zijn keuze, met dien verstande dat ploegen, die spelers bevatten uit de 4e, 5e en/of 6e klas Gymnasium, Lyceum, HBS e.d. niet mogen inschrijven voor categorie B.

Voorts moeten de deelnemers op 1 September 1932 of later geboren zijn. De teams zullen uit 8 spelers bestaan.

Schaken

Schaken was een in Zuilen zeer gewaardeerde sport. De Schaakclub ‘Oud Zuylen’ telde vele leden. En ook bij Werkspoor en Demka hadden de personeelsverenigingen een grote schare leden in de boeken staan. Zuilen was (Utrecht is) trouwens de enige gemeente in ons land met een wijk waar de straten werden vernoemd naar schaakstukken. De oorspronkelijke wijk (Het Schaakwijk) is gesloopt en de nieuwe straten kregen andere namen, maar wel ‘schaakspelgerelateerd: het Grootmeesterplein, de Paardensprongstraat, en natuurlijk het winkelcentrum Rokade.

Het gewantrouwde Winterhulp, ook in Zuilen actief

In de Tweede Wereldoorlog werd door de bezetter ‘Winterhulp ingevoerd. Vrij algemeen gewantrouwd, omdat men het vermoeden had dat de hulp vooral bij ‘de bezetter goed gezinde doelen’ terecht kwam.

Om dat wantrouwen weg te nemen werd o.a. verslag gedaan in de kranten. zo lezen we in het Utrechts Nieuwsblad 31 van januari 1941:

ZUILEN. – Door den Provinciaal Directeur voor Utrecht der Winterhulp Nederland is voor deze gemeente een bedrag van f 2840,00 ter beschikking gesteld voor de tweede verdeeling aan de behoeftigen. De opbrengst van de tweede collecte in deze gemeente was f 688,07½.

Zuilen heeft dus belangrijk meer terug ontvangen ter verdeeling onder de behoeftigen den deze gemeente bij de tweede collecte heeft kunnen inzamelen.

Winterhulp

Om de Winterhulp zo snel mogelijk onder de aandacht van de Nederlanders te brengen, werd de burgemeesters ‘gevraagd’ het goede voorbeeld te geven en met een collectebus langs de deuren te gaan.

De Zuilense burgemeester O. Norbruis bedankte voor de eer. Het hielp hem door de naoorlogse zuivering. Om dat te vieren werd dit pamflet gemaakt. In zijn speech die hij schreef naar aanleiding van zijn 65ste verjaardag schrijft hij nog even fijntjes: ‘Die van Utrecht was wel zo gek’. (Hiermee doelde hij op zijn Utrechtse collega, die wél zijn oren naar de wensen van de bezetter liet hangen.)

Norbruis werd tijdens de oorlog afgezet en vervangen door een N.S.B.-er. Na de oorlog moest de burgemeester eerst door de zuivering, omdat bepaalde inwoners vonden dat hij te weinig had gedaan tegen de bezetters. Bovenstaande weigering hielp hem door deze zuivering heen.

 

 

Bijna gereed, de ‘gele scholen’ van Zuilen

De ‘Gele Scholen’ waren een begrip in Zuilen. De bijnaam komt voort uit de gele verblendsteen die gebruikt werd, een tot dan weinig gebruikte steensoort. We lezen hierover in het Utrechts Nieuwsblad van 30 januari 1953:

 Scholen Pr. Margrietstraat naderen de voltooiing

De Openbare Lagere School nummer zes en de Chr. School nummer drie, die beide zijn opgetrokken aan de Prinses Margrietstraat te Zuilen, naderen de voltooiing. De inrichting van de beide scholen, gebouwd naar een ontwerp van de gemeente-architect W.C. van Hoorn en opgetrokken door de fa. Stolker te Zuilen, wijkt in sterke mate af van de reeds in de gemeente gevestigde scholen, terwijl de kosten niet hoger zijn geworden.

De openbare school bevat een grote hal, die dienst kan doen als aula, gymnastieklokaal en bovendien zeer geschikt is voor het houden van Ouderavonden enz. Er bevindt zich een toneel en galerijen, welke zijn afgezet met een fraai hekwerk. De school bevat zes fraaie leslokalen, elke plaats biedend aan 48 leerlingen, drie boven en drie beneden.

Er wordt bij elke school een betegelde speelplaats aangebracht van 600 vierk. meter, terwijl tussen de beide scholen een speelweide wordt aangelegd van 50 vierk. meter. De beide scholen, die een bijzondere aanwinst genoemd moeten worden, zullen waarschijnlijk eind Februari gelijktijdig in gebruik worden genomen. Voorbereidingen worden thans getroffen voor de bouw van een Nederlands Hervormde Gemeenteschool, terwijl de school aan de Prinses Beatrixlaan met drie leslokalen zal worden uitgebreid.

Ook de Chr. U.L.O.-school op het voormalige Herculesveld zal worden vergroot. Op het terrein van voorziening in schoolbehoefte is er dus wel grote activiteit in Zuilen. De foto geeft een beeld van een der in aanbouw zijnde schoolgebouwen.

Gele scholen

Bij het krantenartikel staat een andere foto. Déze foto is beduidend beter van kwaliteit en komt uit de collectie van de gemeente-architect W.C. van Hoorn, die deze ‘gele scholen’ ontwierp.

 

Het Herinneringsmonument in Zuilen

Na de annexatie schonk Utrecht de bewoners van het toen voormalige Zuilen een herinneringsmonument: de Doodskist… We lezen hierover in het Utrechts Nieuwsblad 29 van januari 1954:

Utrechts Raad bijeen tot ver na middernacht

Utrecht krijgt boilers en gasgeysers in huurkoop

Zes-urenlang debat ging hieraan vooraf

Het monument in ex-Zuilen

De afgevaardigde van de Gemeenschapsraad de heer H.C.  d e  W i t heeft gisternamiddag in de Utrechtse Raad zijn dank betuigd voor de houding van Utrecht, en met name van zijn burgemeester, om de Gemeenschapsraad alle recht te doen wedervaren. Spr. zag in de Gemeenschapsraad een goed middel om de democratie te dienen.

Betrekkelijk lange tijd heeft de raad zich hierop bezig gehouden met het door Utrecht aan het voormalige Zuilen te schenken herinneringsmonument. Met uitzondering van de heer  K a s b e r g e n  stelde een ieder dit gebaar op hoge prijs. Het lid van de Gem.R. verzocht alleen het monument te plaatsen òfwel bij het Vliegermonument òfwel bij het Verzetsmonument. In ieder geval niet in het Julianapark.

De heren  L e e u w e n b e r g  (K.V.P.) en  S t e k e l e n b u r g  (Arb.) verzochten B. en W. de plaats van het nieuwe monument nog eens nader te bezien, in overleg met de G.M.R.

Alleen de heer  K a s b e r g e n  (C.P.N.) meende, dat “in Zuilen niemand prijs stelde op zo’n bank”.

Spr. vond het maar een onpiëteitsvol gebaar. Geef voor dat geld liever een woning, zo riep hij uit.

De  V o o r z i t t e r  betreurde de houding van de communist. Utrecht heeft Zuilen niet “weggewerkt”, dat deed het Parlement. En in dat Parlement hebben juist van het begin af aan de communisten vóór annexatie bij Utrecht gestemd. Daarom is de stem van de heer Kasbergen nu op z’n minst wel merkwaardig.

Weth.  D e r k s  (K.V.P.) zegde toe, uit te zien naar een andere plaats voor het monument…

De doodskist

Uiteindelijk komt het monument tegenover het Verzetsmonument en krijgt ter verfraaiing ook een fontijn (al snel te vervuild en verwerkt tot plantenbak) en bankjes, waarop de inwoners nog eens kunnen mijmeren over hoe het vroeger in Zuilen was. De zwarte tegels en de vorm dragen ertoe bij dat het monument al snel ‘De Doodskist’ heet. 

De tekst op het monument werd:

ALS GEMEENTE OPGEHEVEN, ALS GEMEENSCHAP GEBLEVEN.

Dat week ‘iets’ af van de tekst op het herinneringstgeltje:

ALS GEMEENTE OPGEHEVEN, ALS GEMEENSCHAP TOCH GEBLEVEN.

Tegeltje Zuilen

Het woordje ‘toch’ ging de gemeente Utrecht te ver. Bij de reconstructie van het Prins Bernhardplein, in 2011 werd met medewerking van de gemeente Utrecht de ‘fout’ hersteld.

Over de opening van de St.-Jacobusschool in Zuilen.

Een gevolg van de naoorlogse babyboom is dat veel schoolruimte bijgebouwd wordt. Zo ook de St.-Jacobusschool. Hierover lezen we in het Utrechts Nieuwsblad van 28 januari 1955:

EEN GLAZEN PALEIS…

“De toekomst straalt voor ons”

St.-Jacobusschool officieel overgedragen en plechtig ingewijd

(van een onzer verslaggevers)

Als een pronkstuk van moderne architectuur en als een paleis van glas en licht staat de thans nagenoeg geheel afgewerkte Katholieke Lagere School “St.-Jacobus” aan de C. van Maasdijkstraat in de voormalige gemeente Zuilen naast haar tweelingzuster, de Gemeentelijke Christelijke Lagere School. In het hoger opgetrokken gebouw zullen Maandag a.s. zes klassen kinderen onder leiding van jonge onderwijzers en onderwijzeressen binnenkomen en zo de nieuwe mijlpaal bezetten van de toekomstige St.-Jacobusparochie, die haar kerkgebouw reeds langzaam achter het schoolgebouw ziet verrijzen. Dit gebouw bevat zes moderne lokalen. Ieder lokaal is ingericht volgens de nieuwste eisen van de tijd en de kleurencombinaties van gordijnen en wanden zijn, artistiek en psychologisch, volkomen verantwoord gekozen.

Vanmorgen is deze school door de heer A. v. Dam, de chef van de afdeling Onderwijs ten stadhuize, namens de gemeente Utrecht officieel aan de voorzitter van het schoolbestuur, bouwpastoor A. van Beckum, overgedragen. Wethouder H. v.d. Vlist was door een collegevergadering verhinderd. Namens het gemeentebestuur prees de heer van Dam het doeltreffend en kunstzinnig werk van de architect van Hoorn; het voormalig gemeentebestuur van Zuilen, dat het initiatief om tot de bouw te komen indertijd genomen heeft en de bouwpastoor en alle andere medewerkers. Hij sprak het vertrouwen uit, dat wanneer de kinderen van deze school zullen komen, zij opgevoed zullen zijn tot sociaal voelende, kleine mensen en tot toekomstige trouwe burgers.

Nadat de heer van Dam de officiële overdracht beëindigd had, wijdde de deken van Utrecht, Mgr. A. Wiegerink de school plechtig in. “In deze parochie is een school gekomen, voordat de kerk er was”, zei mgr. A Wiegerink in zijn toespraak na de inwijding. “Hierdoor mogen blijken, van welke importantie het Katholiek onderwijs is”.

Tevoren had pastoor A. v. Beckum reeds de talrijke genodigden welkom geheten. In het bijzonder richtte hij zich tot mgr. Wiegerink; pastoor W. van Albach, de inspecteur van het L.O., de heer A. Lens; de oud-burgemeester van het voormalige Zuilen, de heer O. Norbruis; besturen van verschillende Utrechtse scholen etc. etc.

Velen van hen namen de gelegenheid te baat, een felicitatie aan het adres van het St.-Jacobus-schoolbestuur te richten. Pastoor W. van Albach sprak namens zijn Kerk- en Schoolbestuur; de inspecteur bij het L. O. sprak de hoop uit, dat de scholieren die dit schoolgebouw zullen bevolken, de gelegenheid zullen krijgen hun creatieve inspiraties naar hartenlust en onder goede leiding te kunnen volgen.

Ds. J. Voorsteegh sprak namens het Christelijk Nationaal Onderwijs, de heer Hoeflaken voor de Ned, Herv. Scholen en tenslotte betuigde het hoofd van de school, de heer J. Dekker, zijn dank voor alle blijken van belangstelling. “Het verleden leeft in ons,” aldus deze laatste spreker, “omdat wij het goede van dat verleden willen bewaren. Het heden hoopt op ons, omdat de jeugd op ons moet kunnen rekenen, en de toekomst straalt voor ons omdat de zes leerkrachten van deze nieuwe school allen met hetzelfde idealisme bezield zijn”. Spr. richtte een bijzonder waarderend woord tot de Zuilense Aquariumvereniging, die gratis twee prachtige aquaria zullen inrichten en in de toekomst belangeloos zullen verzorgen.

Inwijding St.-Jacobusschool

Fotobijschrift: Deken Wiegerink zegent de lokalen van de nieuwe St.-Jacobusschool in

Over ellende in het Schaakwijk…

Ingezonden mededeling uit het Utrechts Nieuwsblad 27 van januari 1960. Een bewoner van Het Schaakwijk ergert zich…

Brood bij schillen

Mijnheer de Redacteur,

Het is bewoners van de Koningstraat te Utrecht een ergernis dat er de laatste weken een grote hoeveelheid brood op het achter onze huizen gelegen terrein wordt geworpen voor de vogels.

Is het nodig dat er met handen vol zoveel wordt weggegooid dat de vogels het nooit allemaal oppikken? Als er maar een restje eten op de vuilnisbak wordt opgemerkt, wordt deze asbak niet geleegd onder opmerking dat het eten bij de schillen moet liggen. Zeer terecht. Maar laten we dan ook het overtollige brood niet naar buiten gooien in de modder, maar bij de schillen.

Koningstraat