Oud Nieuws 1937

Vliegfeest op de Waalhaven.

Internationale kunstvliegers komen uit.

Onlangs hebben wij melding gemaakt van de plannen voor een groot vliegfeest op 12 en 13 Juni op het vliegveld Waalhaven.

Dezer dagen hebben wij nadere bijzonderheden van de organisatoren, in hoofdzaak de Havendienst Spido, vernomen.

De onderhandelingen hebben tot gevolg gehad, dat overeenkomsten gesloten zijn, in de eerste plaats met  G r a a f  H a g e n b u r g,  een Duitschen kunstvlieger van grooten naam. Hij vliegt een Focke Wulff, type Stieglitz, dat speciaal voor kunstvliegen is geconstrueerd.

Verder zal de Fransche stuntvlieger  M a r c e l  D o r e t  verschijnen.

Als derde man komt de Duitsche vlieger  G.  A g c h e l i s,  die eveneens staaltjes van vliegkunst ten beste geven zal. Hij heeft zich in 1936 met Détroyat gemeten en is een specialiteit in het rugvliegen.

Verder komen er twee vliegsters,  M a r y s e  H i l s z  en  V e r a  v o n  B i s s i n g. Over eerstgenoemde, een Fransche vliegster, lúne des deux Maryse, zooals zij in Frankrijk wordt genoemd (de andere is Mayse Bastié) leest men af en toe berichten over haar prestaties in de rubriek Luchtvaart. Zij is bijv. houdster van het wereldhoogterecord voor vrouwen, dat zij verleden jaar voor Frankrijk heeft gewonnen. Haar aanval op het snelheidsrecord voor landvliegtuigen van een bepaalde categorie zijn bekend, evenals haar afstandvlucht onlangs naar Zuid-Amerika. Aan de wedstrijden om den Deutsch de la Meurthe-beker, een jaarlijks weerkeerend evenement op luchtvaartgebied in Frankrijk, heeft zij verschillende malen deelgenomen.

De andere vliegster Vera von Bissing is een Duitsche. Ook zij is van internationale vermaardheid wat kunstvliegen betreft.

Van de zijde der Nederlandsche vliegers zal de chef-instructeur van de Nationale Luchtvaartschool, de heer H.M. Schmidt Crans zijn kunsten vertoonen. Indien mogelijk zal hij daarbij gebruik maken van een vliegtuig, dat in aanbouw is bij de vliegtuigenfabriek van ir Lambach te Voorburg en dat bestemd is voor de luchtvaart-afdeeling te Soesterberg. Daar zal het gebruikt worden bij de opleiding tot jachtvlieger, waarbij de kennis en ervaring van het kunstvliegen van groote beteekenis wordt geacht. De constructeur van het vleigtuig, dat zoo goed als gereed is, heeft ook het vliegtuig van de Delftsche Studenten Aeroclub vervaardigd.

Verder zal J. Hoekstra, instructeur bij het Nederlandsch Instituut voor Zweefvliegen met een zweefvliegtuig, dat door een motorvliegtuig zal worden opgetrokken, demonstreeren.

De K.L.M. zal evenmin op het appél ontbreken. Haar vrachtvliegtuig, de Jumbo, dat van Nederlandsch fabrikaat is (Carley-Werkspoor) zal de familie Z.Z. vervoeren. Deze familie zal van groote hoogte af dit ondermaansche tranendal door middel van een valscherm bereiken.

Voor de kinderen is er den tweeden dag, dus Zondag, een luchtballon-wedstrijd, waarvoor 2000 ballons zullen worden uitgereikt.

Dit kan nu reeds gezegd worden. De organisatoren hebben klinkende namen voor hun feest weten te winnen. In luchtvaartkringen zal de belangstelling voor deze internationale “as des as” groot zijn.

Fotobijschrift: Bouwfase van de bij Werkspoor gebouwde Carley, een houten vrachtvliegtuig, gebouwd in opdracht van de K.L.M.

 

Oud Nieuws 12 juni 1914

Woningbouw voor ’t personeel van Werkspoor.

Even voorbij het terrein van U.V.V. wordt, zooals men weet, het nieuwe fabrieksterrein der Ned. Fabriek voor Werktuigen en Spoorwegmaterieel aangelegd en binnenkort zullen de eerste arbeiders dier reuzen onderneming hier met hun gezinnen komen.

In den zomer van 1916 zal de nieuwe fabriek in volle werking zijn en zullen daaraan een 1000 a 1200 werklieden verbonden zijn, waarvan toch zeker de helft gehuwd.

Terecht hebben B. en W. ingezien, dat het een gemeentebelang is mede te werken aan de tot-stand-koming van een door den architect Ph.J. Hamers te Amsterdam ontworpen plan tot aanbouw van 383 eensgezinswoningen, in een huurprijs van ƒ 2,75 tot ƒ 3,50.

B. en W. nu stellen voor den daarvoor benoodigden grond – liggende onder de gem. Zuilen, doch welke, gaan de plannen tot grensuitlegging in den vorm, waarin deze zich thans bevinden, door, over niet al te langen tijd binnen de gemeente Utrecht zal komen te liggen – aan te koopen voor de som van ƒ 133,000. Voorts om dezen grond voor den tijd van 75 jaren in erfpacht uit te geven tegen een jaarlijkschen canon van ƒ 10125 aan de vereeniging “Zuilen”, die zich dezen woningbouw ten doel stelt, de gronden op te hoogen en tot straat aan te leggen, wat ƒ 76000 zal kosten en ten slotte om aan die woningbouwvereeniging een voorschot te verstrekken ten bedrage van ten hoogste ƒ 500,000 tegen een rente van 4½ % met aflossing in 75 jaren, te betalen bij wege van 75 jaarlijksche annuïteiten.

Het risico, dat in het betreden van dezen weg voor de gemeente ligt opgesloten, kan natuurlijk alleen dan worden aanvaard, indien dit gering is, en daartoe moet vaststaan, in de eerste plaats dat de bouwplannen der vereeniging doelmatig zijn en in de tweede plaats dat de financieele opzet voldoende deugdelijk is te achten.

Wat de doelmatigheid der plannen betreft, diene nog, dat afgezien nog van de schaarschte van goede arbeiderswoningen, die de hierheen overgeplaatste arbeiders, indien zij al niet reeds lid van de vereeniging zijn, als van zelf zal doen overwegen, of hun eigen belang niet medebrengt zich alsnog aan te sluiten, is het aantal arbeiders, die gebleken zijn er prijs op te stellen als huurders voor deze woningen in aanmerking te komen (ieder lid der vereeninging moet twee aandeelen nemen ten bedrage van ƒ 50 gezamenlijk) nu al zoo groot, dat het terrein reeds voor verreweg het grootste gedeelte met woningen voor deze gegadigden kan worden volgebouwd. Daarenboven schijnt de verwachting niet ongegrond, dat ook anderen, niet tot het fabriekspersoneel van Werkspoor behoorende, de voordeelen van deze woningen zullen inzien en deze zullen wenschen te betrekken. De door den architect Hamers ontworpen woningtypes, bieden het beeld van een goede ééngezinswoning en zullen dan ook vooral door arbeiders, die tot dusver in Amsterdam in etagewoningen gehuisvest waren en aan het bezit van een kleinen voortuin en een flinken achtertuin niet gewend zijn, maar ook door anderen, die hier ter stede naar een dergelijke ééngezinswoning uitzien, worden gewaardeerd.

De doelmatigheid van de plannen en de behoefte aan deze soort woningen meenen B. en W. dus als vaststaande te mogen aannemen en daarmede is reeds een belangrijke waarborg voor de financieele deugdelijkheid van de onderneming gegeven.

Maar deze waarborg is niet voldoende; vaststaan moet ook dat de opzet niet zoodanig is, dat de huurprijzen der woningen te hoog zullen moeten worden om het betrekken van de woningen begeerlijk te maken.

B. en W. toonen dan aan, dat deze huurprijzen voor de 4 woningtypen zullen bedragen ƒ 2.75, ƒ 3.15, ƒ 3.20 en ƒ 3.50.

De werklieden, voor wie deze woningbouw rechtstreeks belang heeft en van wie velen een loon van ƒ 20 per week hebben, kunnen de genoemde bedragen voor huishuur wel besteden en zijn daartoe, blijkens de in de onderneming betoonde belangstelling, dan ook bereid.

De zes winkelhuizen, welke volgens het plan in deze wijk zullen gebouwd worden, zullen pl.m. ƒ 9,50 per week moeten opbrengen; ook de huur dezer winkels is verzekerd, doordat een coöperatieve winkelvereeniging van deze zelfde werklieden reeds de voorkeur voor de huur gevraagd heeft.

Vrees, dat de fabriek, waarbij de arbeiders in dienst zijn, over korteren of langeren tijd haar bedrijf zal moeten inkrimpen, behoeft ook niet te bestaan.

Het is waarschijnlijk niet noodig de Nederlandsche Fabriek voor Werktuigen en Spoorwegmaterieel nog bijzonder in te leiden. B. en W. volstaan met deze weinige gegevens, dat de genoemde onderneming, in 1891 begonnen, in de eerste jaren na haar oprichting met pl.m. 500 arbeiders werkte en thans met pl.m. 2500, dat het aantal werklieden in de opeenvolgende jaren tot nu toe een stijgende lijn vertoont, dat de onderneming thans weder een bedrag van 1½ a 2 millioen gulden in haar nieuwe fabriek onder Zuilen vastlegt en dat ook de twee groote spoorwegmaatschappijen financieel sterk bij het voortbestaan van Werkspoor betrokken zijn, omdat zij te zamen vier procent rente hebben gegarandeerd van het aandelenkapitaal B der fabriek, ter grootte van ƒ 500,000.

Fotobijschrift: Het eerste bestuur van de woningbouwvereniging ‘Zuilen’ stelt zich aan u voor. De eerste steen van hun eerste complex wordt straks gelegd! Zij staan voor de directiekeet achter een rij wuivende palmen. De sigaar was erg in trek zo te zien. Ook een hoed hoorde er duidelijk bij, maar hield je die nu op of deed je hem af? De heren in het midden zijn er wel uitgekomen, de rest weet het nog niet.

Hier staat dus de oorsprong van ‘Mitros’, meer dan een eeuw geleden.!

Oud Nieuws 11 juni 1948

Zuilense brandweer viert morgen koperen feest

Demonstratie aan Sweder v. Zuylenweg.

Morgen, Zaterdag 12 Juni, gaat de Zuilense Brandweer het 12½-jarige bestaan herdenken. Het was op initiatief van de heer J.P. Lamie, de secretaris van de Brandweerbond, dat op 11 Dec. 1935 de Vrijwillige Brandweerver. Zuilen werd opgericht.

Als commandant traden achtereenvolgens op de heren Kranen, de tegenwoordige gem.-secr., W.F. Alleyn, J. Blok en op heden A.J. Stolker, de hr. Kranen moest om gezondheidsredenen het commando vaarwel zeggen, de heer Alleyn vertrok naar elders, terwijl de heer Blok eerst kort geleden bedankte. Hij bleef achter aan de vereniging verbonden en werd tot voorzitter benoemd in plaats van de om gezondheidsredenen afgetreden A.J. van der Weerd. In de 12½ jaar dat de Brandweer nu bestaat, zijn gelukkig geen grote branden in de gemeente voorgekomen, wel tal van kleinere branden, terwijl het niet tot de zeldzaamheden behoorde, dat men op loos alarm uittrok.

De alarmering heeft grote verbetering ondergaan, terwijl het tegenwoordige materiaal een de te stellen eisen voldoet. In de organisatie heerst een goede geest en bij tal van wedstrijden wist de brandweer een zeer geod figuur te slaan.

Morgenmiddag om half drie zal aan de Sweder van Zuylenweg ter gelegenheid van het jubileum een demonstratie worden gegeven. Het programma vermeldt o.m.: de Zuilense brandweer vóór 1923, van 1923 tot 1936, van 1936 tot 1945 en na die tijd; vervolgens een reddingsdemonstratie, schuimblussen enz.

Naar wij vernemen ligt het in het voornemen van de Commissaris der Koningin in de Provincie Utrecht, deze demonstratie bij te wonen, terwijl vanzelfsprekend verschillende autoriteiten op het gebied van het brandwezen aanwezig zullen zijn. Het belooft zeer interessant te worden.

Des avonds om 8 uur zal het jubileum in meer intieme kring in het Juliana-Rest. worden herdacht.

Fotobijschrift: Een fantastische serie foto’s dank ik aan de heer Van Bart. Hij stemde ermee in dat ik kopieën maakte van zijn verzameling. Het is een hele serie, die verslag doet van de viering van het 12 ½ jarig jubileum van de Stichting Vrijwillige Brandweer Zuilen. Dat werd gevierd in 1948. Op het braakliggende veldje waar de Van Egmontkade en de Van Hoornekade bij elkaar komen. Deze foto toont ons de brandweerauto die in de oorlogsjaren in Zuilen de brand kwam blussen. Zwaailichten waren nog niet nodig in die tijd.

 

Oud Nieuws 10 juni 1953

Zuilens bejaarden dag naar buiten

Springend als jongelui terug

Ruim driehonderd Zuilense bejaarden hebben Dinsdag een buitengewoon geslaagde autotocht gemaakt, hun aangeboden door de U.V.V., de afd. Zuilen Unie Vrouwelijke Vrijwilligers. Met 34, door inwoners der gemeente beschikbaar gestelde auto’s en vijf grote autobussen vertrok men des morgens omstreeks half tien van het Verenigingsgebouw aan de Wattlaan, begeleid door de Zuilense Verkeerspolitie. De tocht ging eerste naar Arnhem, waar het Openlucht-museum werd bezocht en koffie gedronken en waar ieder volop genoot van de vele bezienswaardigheden en de fraaie natuur. Van Arnhem reed men naar Apeldoorn, naar het Juliana-paviljoen, waar een heerlijk middagmaal werd aangeboden en waar de vermakelijkheden sterk in trek waren.

Toen men des avonds aan de grens der gemeente Zuilen arriveerde had zich daar het Zuilense Fanfarecorps opgesteld, om met marsmuziek de lange stoet te begeleiden naar het Verenigingsgebouw aan de Wattlaan. Zingend, dansend en springend, soms als jongelui, trok men het gebouw binnen, waar aan allen koffie en gebak werd aangeboden.

Daar werden door verschillende deelnemers aan de tocht uitbundige woorden van lof toegezwaaid aan de leden van de U.V.V., voor hetgeen de bejaarden was geboden, en aan elk van hen werden bloemen aangeboden. Ook werd hartelijk dank gebracht aan degenen, die geheel belangeloos hun auto hadden beschikbaar gesteld, aan het Zuilense gemeentebestuur voor de verleende subsidie, aan de verkeerspolitie voor de uitstekende begeleiding en aan het Zuilense Fanfarecorps voor de muzikale ontvangst. In een buitengewoon opgewekte stemming begaf men zich daarna naar huis, terwijl degenen, voor wie het lopen te lastig was, met een auto naar hun woning werden vervoerd.

Oud Nieuws 9 juni 1956

De Tuin van Kol

De lezer J. schrijft ons het volgende:

Dezer dagen bracht ik weer eens een bezoek aan het Julianapark en ik kwam wederom onder de bekoring van dit mooie plekje Utrecht.

Het was fraai weer en het park was een lust voor het oog. Ik bedacht bij dit alles, hoe de stichter tevreden zou zijn als hij dit nog had mogen beleven. De Tuin van Kol, zijn tuin!

Helaas is er niets, dat aan deze grote man herinnert en ik maak me sterk dat de meeste (zeker de jeugdige) bezoekers zijn naam niet eens kennen.

Dat is jammer.

Fotobijschrift: Jan Kol III, van het – ooit op één na oudste – bankiershuis Vlaer en Kol. Heeft heel veel betekend voor de ontwikkeling van de stad Utrecht, met de opdracht voor de aanleg van het Wilhelminiapark en de Volkstuin in Utrecht-noord, die na aankoop door de gemeente Utrecht werd omgedoopt tot ‘Julianapark’. Maar… Jan Kol wordt nauwelijks openbaar geëerd! (een standbeeld van 25 meter zou al een mooi begin zijn!) 

Oud Nieuws 8 juni 1937 (ochtend-editie)

Prins Bernhard te Utrecht

Bezoek aan twee industrieën

Gisteren heeft Prins Bernhard in gezelschap van zijn tijdelijken adjudant jhr ir W.G. Röell een bezoek gebracht aan twee Utrechtsche industrieën.

Om 11 uur des morgens is Z.K.H. aangekomen bij de fabrieksgebouwen van de N.V. Werkspoor, waar het gezelschap werd ontvangen door mr D. Crena de Jong, commissaris, ir M.H. Damme Sr, ir J.P. Minderhoud, hoofdingenieur, en ir M.H. Damme Jr, bedrijfsingenieur.

De Prins heeft het gansche bedrijf bezichtigd, in het bijzonder de fabricage van twee-wagen-treinstellen, die thans in opdracht van de Nederlandsche Spoorwegen voor electrische en dieseltractie worden vervaardigd. Het eerste daarvan stond juist voor aflevering gereed, terwijl andere in verschillende stadia in bewerking waren. Zoodoende heeft Prins Bernhard een goed inzicht kunnen krijgen in den bouw van dit voor onze spoorwegen zoo belangrijk materiaal.

Na afloop van den rondgang door de fabriek heeft prins Bernhard aangezeten aan een lunch in het kantoorgebouw der N.V. Werkspoor, waarbij mede aanwezig waren behalve de hierboven genoemde heeren, ir G.A. Kessler, directeur van de Kon. Ned. Hoogovens en Staalfabrieken te IJmuiden, en commissaris van de N.V. Staalfabrieken voorheen J.M. de Muinck Keizer, en de heeren M. en A.S. de Muinck Keizer, directeuren van deze industrie.

Om twee uur des middags is Prins Bernhard naar de fabrieken van de firma De Muinck Keizer vertrokken, om daar het bedrijf te bezichtigen. Bij het gezelschap sloot zich ook aan ir M.H. Damme Sr. die tevens president-commissaris is van deze naamloze vennootschap. In het bijzonder bestond groote belangstelling voor de afdeeling gieterij.

Het bezoek duurde tot ruim vier uur. Daarna is de Prins weer per auto naar Soestdijk vertrokken.

Fotobijschrift: Prins Bernhard verlaat het kantoor van de De Muinck Keizer (DEMKA) fabrieken.

Oud Nieuws 8 juni 1937 (avond-editie)

PRINS BERNHARD TE ZUILEN.

Men vestigt er onze aandacht op, dat de twee industrieën, welke gisteren door Prins Bernhard zijn bezocht, nl. Werkspoor en de firma de Muinck Keizer [DEMKA], beide op grondgebied van de gemeente Zuilen zijn gelegen. Het bericht in ons ochtendblad wekt misschien den indruk of het bezoek van den Prins de stad Utrecht heeft gegolden.

 

Oud Nieuws 7 juni 1960

Veel aanrijdingen bij pinksterverkeer

In Utrecht alleen al zeven hersenschuddingen

Politie kreeg te maken met 63 aanrijdingen.

Drieënzestig maal heeft de Utrechtse politie gedurende de twee pinksterdagen en de daaraan voorafgaande zaterdag moeten assisteren bij aanrijdingen. In acht[1] gevallen liepen betrokkenen bij de aanrijdingen een hersenschudding op. Maandagavond ontstond er een ernstige aanrijding op de Vleutenseweg hoek Kanaalstraat te Utrecht, waarbij de 63-jarige mevrouw S. van G.-E. een schedelbasisfractuur, een heupfractuur en een hoofdwond opliep. Zij is naar het St.-Antoniusziekenhuis vervoerd…

Een hersenschudding was het gevolg van een harde klap van een slaghout, dat de heer J.K. uit de Prof. Wattjesstraat te Utrecht op de tweede pinksterdag tegen zijn hoofd kreeg.

Het ongeluk gebeurde toen hij langs een groepje spelende kinderen liep, die op straat slagbal speelden. Het slaghout vloog een der kinderen uit de hand en raakte de voorbijganger. Hij werd naar het Academisch Ziekenhuis gebracht.

Fotobijschrift: (foto uit de collectie van Het Utrechts Archief) De Prof. Wattjesstraat.

 

[1] Ik weet het, een beetje raar, in de kop staat ‘zeven’ en in het artikel wordt gerept over ‘acht’, maar zo staat het in de krant

Oud Nieuws 6 juni 1940

Hiermede hebben wij den droeven plicht U kennis te geven van het sneuvelen van onzen geliefden Zoon, Broeder en Zwager WILLEM ELIZE
SWART, in den ouderdom van ruim 20 jaar, op den 17en Mei 1940.
De teraardebestelling te Emmerik.
Zuilen, 6 Juni 1940.
Van Egmontkade 16bis A.
Zuilen:
Wed. E.W. SWART-Weynands,
BEB,
WILLY,
PIET.
Amsterdam:
H.A. GRET,
J.E. GRET-Swart.

Deze rouwadvertentie stond in het . De heer A.H. Pasman schreef in zijn boekje ‘Zuilen eert zijn gevallenen’ over W.E. Swart het volgende:

‘Door de radio hoorden wij de stem van de omroeper van het A.N.P., die mededeelde, dat we in oorlog waren met Duitsland. Dat de Duitse troepen diezelfde mooie lentemorgen, vriendschapsbewijzen en garantiebeloften ten spijt, ons land binnengetrokken waren.
Laag was de aanval van een groot en machtig land op een klein landje, dat bovendien nog neutraal was. Nog lager en laffer was het werk der leden der N.S.B., die allerlei pogingen aanwendden om de Duitse opmars maar zo snel mogelijk te doen verlopen, om niet te spreken van de verraderspolitiek, die ze vóór de inval al bedreven hadden.
Niettegenstaande het feit, dat de moffen veel sterker waren dan wij, boden de Nederlandse troepen een zo onverwachte tegenstand, dat het opgezette plan om in één dag naar Rotterdam op te rukken en zodoende de Nederlandse vloot geheel in handen te krijgen, mislukte. Vijf dagen hebben onze jongens gevochten als leeuwen tegen overweldiger en heimelijke sabotage der landverraders.
In vijf dagen hebben we nog kans gezien de vijand behoorlijke verliezen toe te brengen; vooral de luchtmacht van dikke Herman leed gevoelige verliezen. In deze vijf dagen verloren duizenden, militairen en burgers. Het leven.
Ook twee Zuilenaren kwamen om op het slagveld. J.W. van der Sandt en W.E. Swart keerden niet meer terug.’

Oud Nieuws 5 juni 1928

Zuilen.  B u u r t v e r.  N i e u w  Z u i l e n. DezevereeniginggeeftDinsdagavond 5 Juni haarderde concert in de muziektent op het Werkspoorplein in “Elinkwijk” uit te voeren door de Muziekvereeniging “Kunst en Strijd” onder directie van den heer P. v.d. Hurk.

Fotobijschrift: Het dorpje Zuilen aan de Vecht had natuurlijk ook haar eigen muziektent. Hier ziet u de (inmiddels al weer gemoderniseerde, geel geschilderde) uitvoering. Hij stond op het Werkspoorpleintje. Alles ter verhoging van de gezelligheid was aanwezig: prachtige rondlopende banken, verlichting is er om ook ‘s avonds vriendelijke deuntjes ten gehore te kunnen brengen. Een en ander werd ook nog voorzien van een keurig hekwerkje. Zulke dingen kwamen tot stand dankzij de N. V. Werkspoor. Er werd in deze muziektent veel gespeeld… door de jeugd, muziekuitvoeringen werden er nauwelijks op gegeven. In de oorlog is ook al dit hout opgestookt. Wat een rotoorlog!

 

Oud Nieuws 4 juni 1903

Concours van Fanfarekorpsen en Harmoniegezelschappen.

Reeds gaven we onder ons artikel “Pinksteren” gisteren iets over de optocht van de muziekkorpsen op tweeden Pinksterdag.

De uitslag van het concours was als volgt:

Derde afdeeling-fanfare.

Ie prijs, verguld zilveren medaille, Patientia Vincit Omnia [Geduld Overwint Alles] te Soest, directeur de heer C.F. van Eijdthoven.

IIe prijs, zilveren medaille, Zuilens fanfarekorps, te Zuilen, directeur F.J. Odijk…

Fotobijschrift: een van de oudst bekende foto’s van het Zuilens Fanfare Corps.