Bromfietsdiefjes uit Zuilen aangehouden door de politie

Over de elf- veertein- en vijftienjarige bromfietsdiefjes uit Zuilen schreef het Utrechts Nieuwsblad op 13 maart 1961 het volgende:

Utrechter in de hoofdstad aangehouden

Een poging tot handel met een gestolen bromfiets is de Utrechtse isoleerder W. (19 jaar) noodlottig geworden. Toen hij het voertuig in een Amsterdams café te koop aanbood waarschuwde men de politie, omdat de prijs verdacht laag gevonden werd.

W. werd aangehouden en aan de Utrechtse politie overgegeven. Hij zei eerst de brommer van een onbekende in een Utrechts café te hebben gekocht, maar later bekende de jongeman dat hij hem na 23 uur uit een rijwielstalling aan de Keizerstraat had gestolen. Hij was er op naar Amsterdam gegaan, waar hij zondagmorgen omstreeks 4 uur trachtte het ding van de hand te doen. Drie zeer jeugdige bromfietsdiefjes hield de politie dit weekeind aan op de Van der Pekstraat in Utrecht. Zij reden met z’n drieën op het karretje toen de politie hen zag. De jongens zijn de elfjarige scholier Van V., de veertienjarige scholier S. en de vijftienjarige leerling metselaar M. Zij namen de bromfiets mee uit de Prinses Margrietstraat in Utrecht. De jongens zijn na verhoor naar huis gestuurd.

Margrietstraat

Bij gebrek aan foto’s van de bovengenoemde ‘misdadigers’ moeten we het doen met een foto van de straat waar de bromfietsen gestolen werden. Bouwfase van de woningen in de Prinses Margrietstraat, augustus 1950. Het is onbekend waar de brommers stonden… het is een lange straat, van de Adriaan van Bergenstraat tot aan de Prinses Beatrixlaan.

Handige bliksems, die waren er wel in Zuilen

Met de grote fabrieken Werkspoor en Demka kenden Zuilen een groot aantal mannen die de boterhammen verdienden met hun handen. (En dan bedoel ik niet met het schuiven van een muis, of over een scherm vegen met de vingers!) Handige Bliksems! Zij konden vrijwel alles maken. Blijkt ook maar weer uit dt bericht in het Utrechts Nieuwsblad van 12 maart 1958:

Geraniumstraat

WAT denkt u dat dit is? slopen of opbouwen? Een tafereeltje zoals dit wel meer in Utrecht voorkomt, nu uit de Geraniumstraat 33, waar de heer G. Veenendaal (onder auto) een Morris 10 uit 1949 (!) opknapt. Van beroep is de heer Veenendaal vertegenwoordiger. In beschuit. Maar hij blijkt een technische knobbel te hebben. Niet alleen de wielen eraf, maar ook de motor uit elkaar. Als hij niet, zoals sommige amateur-wekkerreparateurs, straks een paar niet meer thuis te brengen radertjes en schroefjes overhoudt, zal hij van de zomer met vrouw en kind aardige tochtjes gaan maken. Zo motoriseert Nederland zich steeds verder.

Over een Volkswagen die snel gevonden werd.

Diefstal en bedrog is van alle tijden. (anders hadden we geen politie nodig.) Ook in Zuilen ging het dus wel eens mis. Maar dat een Volkswagen zó snel weer boven water kwam, was aanleiding voor de redactie van het Utrechts Nieuwsblad om u hierover op 11 maart 1964 te informeren met het volgende bericht:

Auto vier minuten na vermissing gevonden

Vier minuten heeft het dinsdagavond de Utrechtse politie gekost om een als vermist opgegeven auto op te sporen. Om 21.45 uur kwam de melding binnen. Om 21.49 uur waar de jongens al aangehouden die er met de auto vandoor waren gegaan.

De 42-jarige verzekeringsagent H.A.C. van Eewijk uit Zeist had de wagen in de Mgr. dr. Hoogveldstraat (Utrecht Noord) neergezet omdat hij in die straat iemand moest bezoeken.

Toen hij kwart voor tien buiten kwam en zijn auto miste, holde hij naar de dichtstbijzijnde telefooncel in de Jan Ligthartstraat. Hij vertelde de politie wat er aan de hand was er ging via de mobilofoon een bericht naar de surveillancewagens met het verzoek uit te kijken naar een Volkswagen met een bepaald kentekennummer.

In de Dr. Berlagestraat werd de auto gevonden. Twee jongens stonden er aan te prutsen, een 16-jarige lichtdrukker en een 17-jarige scholier. Zij waren tegen een boomstronk gereden en stonden nu de schade op te nemen.

De heer Eewijk kreeg zo dinsdagavond de auto weer terug, zij het ernstig beschadigd.

Pedagoogenbuurt

De Pedagogenbuurt in Zuilen, mét Volkswagen… Weet niet zeker of dit de Volkswagen uit het knipsel is, maar dat zou zomaar kunnen. Wie het weet mag het zeggen. (Rechts onder de Technische School Ir. Bardet, in de Bossenbroekstraat.)

 

 

Er kwam een nieuwe speeltuin in het oude Zuilen

Een speeltuin voor de jeugd mocht natuurlijk niet ontbreken. dus werd na de sloop van de speeltuin in de Wattlaan naar een andere locatie gezocht. En gevonden, blijkens dit bericht in het Utrechts Nieuwsblad van 10 maart 1939.

 

Speeltuin in Zuilen

——

ZUILEN, 10 Maart. – De Woningbouwvereeniging “Zuilen’’ heeft, zooals wij reeds eerder schreven, pogingen aangewend een eigen speeltuin te krijgen. Deze pogingen zijn geslaagd en de plannen zijn thans zoover dat spoedig verwezenlijking kan worden tegemoet gezien.

Zuilen kent reeds de zeer goed geoutilleerde speeltuin van de Woningbouw “Utrecht’’, doch deze speeltuin, de tweede in Zuilen, zal hiervoor niet behoeven onder te doen. De speeltuin in Elinkwijk zal eerlang verdwijnen.

De tuin der woningbouwvereeniging “Zuilen’’ is geprojecteerd op een terrein dat gelegen is achter de huizen aan de v.d. Pekstraat en de huizen aan de Hanrathstraat.

In de v.d. Pekstraat, naast de thans bestaande huizen zal de ingang komen, welke 2 M. breed wordt.

De totale oppervlakte bedraagt pl.m. 1300 M2. Verschillende speelwerktuigen zullen worden aangebracht, zoals: 3 groote- en 6 kleine schommels, draaimolen, vliegende Hollander, enkele en dubbele roeischommel, Oceaangolf en een zandbak van pl.m. 50 M2.

Deze toestellen zullen langs de randen komen, zoo, dat er nog een groot middenterrein overblijft. Dit midden terrein wordt verhard, terwijl de strook waar de toestellen komen betegeld wordt. Langs de kanten wordt dan nog een plantenstrook aangebracht. Aan den ingang zal een wachthuisje worden gebouwd, waarin toiletten. In het geheele plan wordt een rioleering aangebracht waardoor een goede afwatering van het terrein wordt verkregen.

Speeltuin

Hier ziet u een ansichtkaart van die speeltuin achter de Van der Pekstraat. De kinderen uit deze buurt maakten gretig gebruik van dit vermaak.

Brandweer van Zuilen druk met ‘fikkiestokers’

Het is van alle tijden: fikkiestokers. Niet altijd met goede afloop, maar wel dikwijls werk aan de winkel voor de brandweer. Ook de Vrijwillige Brandweer Zuilen kon regelmatig aan de slag. In het Utrechts Nieuwsblad van 9 maart 1962 lezen we hierover het volgende:

Veel bermbrandjes door toedoen van kwajongens

De Utrechtse brandweer heeft ’t donderdag druk gehad. Telkens weer moest men uitrukken, omdat de jeugd ergens een berm in brand had gestoken. Zoals meestal het meestal gaat, waren de „fikkiestokers” verdwenen, als de rode wagens verschenen. In een geval kon de politie een paar jongens mee naar het bureau nemen.

… Dat het blussen van zo’n bermbrandje soms een tijdrovend werk is, bleek bij de Bessemerlaan. De Vrijwillige Zuilense Brandweer is een half uur bezig geweest, voordat alle vlammen waren gedoofd…

Brandweer

Deze foto komt uit het album dat burgemeester Norbruis kreeg ter gelegenheid van zijn 25-jarig ambtsjubileum. De Vrijwillige Brandweer van Zuilen in ‘actie’ (vooral poserend voor de fotograaf, maar dat was de bedoeling denk ik.)

De Bethelkerk, de grote kerk voor gereformeerden in Zuilen…

De Bethelkerk heeft een lange geschiedenis: eerst in het huis Diependaal, later het Witte kerkje, maar toen dat ook allemaal te klein werd moest er – op de rand van Oud- en Nieuw Zuilen – een grote kerk komen. In 1955 werd het gebouw in gebruik genomen. Het Utrechts Nieuwsblad van 8 maart 1955 bericht hierover

 

GEREFORMEERDE KERK DAALSEWEG

Prachtige aanwinst voor Utrecht-Noord

Bovenkerk maakt imposante indruk

(Van een onzer verslaggevers)

Vrijdag 25 Maart om 20 uur zal de nieuwe gereformeerde kerk in Utrecht-Noord – de Bethelkerk, met als predikant ds W. Schouten – officieel in gebruik worden genomen.

Vanaf Zondag 27 Maart zullen diensten om 10 en 17 uur worden gehouden.

Het nieuwe kerkgebouw is opgetrokken naast het oude kerkje nabij het bevrijdingsmonument aan de Daalseweg. Het staat met de rechterzijde aan de Burgemeester Norbruislaan. De hoofdingang bevindt zich daartussen, dus aan het einde van de Prins Bernhardlaan.

Van buiten gezien maakte nieuwe kerk een imposante indruk. Naast de hoofdingang is een hoge toren verrezen, bekroond met een groot neon kruis, dat ’s avonds groen licht zal uitstralen.

Het is een zogenaamde bovenkerk. Dat wil zeggen dat de diensten zullen gehouden worden op de bovenste verdieping, die de gehele oppervlakte van het gebouw beslaat. Het orgel is hier aangebracht boven de kansel. Het orgel uit de oude kerk zal voorlopig nog dienst moeten doen, maar het is zeer waarschijnlijk dat dit spoedig door een nieuw zal worden vervangen.

De beschilderingen zijn in lichte kleuren uitgevoerd. De muren wit, de banken lichtbruin. Het liturgisch centrum is met licht eikenhout betimmerd.

Wanneer men het gebouw betreedt, komt men in een grote hal welke brede en fraaie trappen bevat naar de bovenverdieping en naar een grote galerij.

Op de begane grond van de nieuwe kerk bevinden zich zalen voor bijeenkomsten. Het is een grote zaal met een flink toneel. Twee kleinere lokalen, een commissiekamer, een keuken en een trap naar de predikantenkamer. Het neonkruis wordt bekostigd uit een inzameling, die in de wijk werd gehouden. Binnenkort zal ook een klok in de toren worden aangebracht.

Bethelkerk

Zo ziet de nieuwe gereformeerde kerk eruit.

Demka mag uitbreiden van de Gemeenschapsraad

In 1916 werd bij de fabrieken van J.M. de Muinck Keizer (later Demka genoemd) in Zuilen voor het eerst staal gegoten. Al snel bleek dat het – Eerste Wereldoorlog – moeilijk was om aan de grondstoffen te komen. In 1917 werd besloten dat Nederland een ‘eigen’ Hoogovens moest krijgen. De garantie van de Demka-directie voor de afname van x-ton gietstaal op jaarbasis, maakte de investering rendabel.

Over de uitbreiding van de fabriek in 1961 schreef het Utrechts Nieuwsblad op 7 maart:

gemeenschapsraad

Plan Nieuw Zuilen I enigszins gewijzigd

Ook ruimte voor speelterrein

De gemeenschapsraad voor Zuilen en vooral de heer M.G.H. Hendriks heeft zich door het dagelijks bestuur tijdens de maandagavond gehouden vergadering uitgebreid laten voorlichten over de herziening van het uitbreidingsplan Nieuw-Zuilen I, betrekking hebbende op het terrein tussen de Zwanenvechtlaan en de Daelwijcklaan. Omdat woningbouw daar in de woningwetsector niet is te realiseren zal de bouw grotendeels in de particuliere sector moeten geschieden. In verband daarmede waren enige wijzigingen nodig.

Volgens het herzieningsplan zullen hier nu 102 etagewoningen, 16 eengezinswoningen en 11 autoboxen worden gebouwd, terwijl er een terrein van 1575 m2 overblijft voor bijzondere bebouwing en ook nog ruimte voor een speelterrein. Er bestonden geen bezwaren in de gemeenschapsraad tegen de voorgenomen wijzigingen in de plannen. Ook nam men zonder aanmerking kennis van de vergunning, die aan de Koninklijke Demka Staalfabrieken N.V. is verleend voor de uitbreiding van de walserij.

Een voordracht van twee personen werd opgemaakt als aanbeveling tot de benoeming van een lid van de commissie voor het speeltuinwerk. De heren C. Heuvel (Zuilens Belang) of M.G.H. Hendriks (KVP) werden hiervoor aanbevolen.

Goed nieuws was er voor de bewoners van Burgemeester van Tuyllkade en Prinses Margrietstraat, want de brandgangen achter hun woningen zullen volgens ’n schrijven van Burgemeester en Wethouders aan de gemeenschapsraad binnen afzienbare tijd worden geëgaliseerd en verhard.

Geen bezwaar was er tegen een ontheffing van de hinderwet, welke zal worden verleend aan de firma Marijn aan de Amsterdamsestraatweg, die een inrichting voor het bewerken van vis en een visbakapparaat in de fabriek heeft geplaatst.

 

Walserij Demka

Mooie opname van het werken in de Walserij. Gloeiend staal alom! Warm? Hitte!

Voorzitter Gemeenschapsraad C.F. de Wilde

Minister Beel stelde naar aanleiding van de annexatie van Zuilen per 1 januari 1954 een Gemeenschapsraad in. De eerste voorzitter was de heer Kievit, die werd na zijn overlijden opgevolgd door de heer C.F. de Wilde. Naar aanleiding van diens jubileum bij de Demka schreef men in het Utrechts Nieuwsblad van 6 maart 1963 het volgende:

Huldiging jubilaris C.F. de Wilde

„Zuilens eerste burger”, werd gekscherend de heer C.F. de Wilde genoemd tijdens zijn huldiging in de kantine van de Koninklijke Staalfabriek DEMKA te Zuilen, bij welk bedrijf hij dinsdag veertig jaar in dienst was.

De heer De Wilde is namelijk voorzitter van de Zuilense Gemeenschapsraad en heeft zo veel relaties, dat het later ook in het SEB-gebouw, waar een receptie werd gehouden, bijzonder druk werd.

Ir. E.D. Cartier van Dissel voerde namens de directie van DEMKA het woord. Hij herinnerde eraan dat de heer De Wilde, die bedrijfsassistent op de smelterij is, de omschakeling van dit bedrijf had meegemaakt en zeer verdienstelijk werk heeft gedaan.

Niet alleen op technisch maar ook op sociaal gebied en in het belang van het DEMKA-personeel. Als jubileumgeschenk werd een koffergrammofoon aangeboden.

De chef van de smelterij, ir. J.H. Westerman, roemde de kwaliteiten van de jubilaris als leermeester van de jongeren en overhandigde namens de beambten een gasgeiser. Verdere sprekers waren de heer C. Pot namens de beambtenraad én de voorzitter van de fabriekscommissie, de heer J. Pagie. Beiden schonken bloemen.

In het SEB-gebouw was de heer M. van Donk de woordvoerder namens dagelijks bestuur en leden van de Zuilense gemeenschapsraad. De heer G. Groen sprak namens de afdeling VII van de Partij van de Arbeid en de heer J. Kool vertegenwoordigde de oudercommissie van de Prinses Beatrixschool, waarvan de heer De Wilde voorzitter is. Ook hier werden vele geschenken aangeboden. Het Utrechtse gemeentebestuur zond een bloemstuk en een schriftelijke felicitatie.

De Wilde. H. Westerman, chef van de smelterij van de Demka, biedt de jubilerende C.F. de Wilde (rechts) een gasgeiser aan.

 

Hanselaar, beroemd in heel Zuilen en meer.

Ja, kom daar maar eens op: Joh. Hanselaar noemde de door hem opgerichtte toneelvereniging Zuilens Onderling Toneel (z.o.t.). Over hem lezen we een artikel in het Zuilens Nieuwsblad van 12 maart 1981. Dit schreef men naar aanleiding van zijn overlijden:

Toneel was zijn leven.

Joh. Hanselaar (74) overleden.

Utrecht – Op 74-jarige leeftijd is op 5 maart na een kortstondige ziekte de heer Joh. Hanselaar overleden. De heer Hanselaar, die vanaf augustus 1936 aan de Sweder van Zuylenweg 63 heeft gewoond is dinsdagochtend onder grote belangstelling gecremeerd in het crematorium Daelwijck. Joh. Hanselaar genoot in Zuilen, maar ook daarbuiten, vooral bekendheid door zijn hartstocht voor alles wat met toneel te maken heeft.

Ludgerustoneel.

Op 18-jarige leeftijd startte hij in Zuilen zijn (amateur) toneelcarrière als regisseur van vele voorstellingen van het Ludgerustoneel. Tegelijkertijd was hij regisseur van ‘Nicto’, de toneelvereniging van de Nicolaasparochie. Grote furore maakte hij bij ‘Ons Toneel’, een zeer grote vereniging die veelal in het gebouw van K. en W. aan de Mariaplaats optrad. Ook op oudere leeftijd bleef Joh. Hanselaar zijn liefde voor het toneel uitdragen. In het dienstencentrum Zuilen was hij de grote inspirator van het Zuilens Onderling Toneel (ZOT) en was hij als zodanig lid van het dienstencentrum. Volksbelang. Daarnaast vervulde hij ook nog andere functies in het verenigingsleven. Zo was hij in de begintijd van ‘Volksbelang’ als bestuurslid actief en verzorgde hij de cabaret- toneel- en showavonden. Ook is hij jarenlang 2e voorzitter geweest van accordeonvereniging ‘Juliana’. Voor zijn pensionering was de heer Hanselaar vertegenwoordiger van een levensmiddelenfabriek. In deze functie was hij in de oorlog verantwoordelijk voor de distributie van bonnen en hielp hij menig Zuilenaar via omwegen aan eten en drinken. Ook was hij één van de eersten die in Zuilen een EHBO-post runde, wat vooral bij razzia’s van groot belang was.

Hanselaar

De gemeentesint van Zuilen woonde op de Sweder van Zuylenweg 63. 

Werkspoor bouwde de Demkaspoorbrug over het Amsterdam-Rijnkanaal

Bij de Demka-fabrieken was de bocht in het Amsterdam-Rijnkanaal door de toegenomen drukte op het kanaal en steeds groter wordende vaartuigen een gevaarlijke plek geworden, hij moest worden verbreed, maar dat kon pas als de oude Demkaspoorbrug vervangen werd. Tsja, en de bouwer ‘woonde’ ernaast, dus kon Werkspoor aan de slag in zijn eigen achtertuin.

Hierover lezen we in de Werkspoor Courant van 4 maart 1966:

NIEUWE SPOORBRUG OVER AMSTERDAM-RIJNKANAAL

Tijdens het weekeinde van zaterdag 29 en zondag 30 januari j.l. zijn onder gunstige weersomstandigheden met behulp van de drijvende bokken “Jumbo’’ en „Gazelle’’ de 2 liggers geplaatst over het Amsterdam-Rijnkanaal.

De eerste ligger gemonteerd. De tweede ligger wordt ingevaren met behulp van de drijvende bokken, (zie rechts).

De 2 liggers vormden als het ware een sluitstuk in de 1e montagefase De 2e fase begint met de montage van de boog. Zowel zaterdag als zondag was de belangstelling zeer groot. Behalve veel vertegenwoordigers van de pers en T.V. waren ook de genodigden van de directies van de Nederlandse Spoorwegen, Werkspoor-Utrecht N.V., en Wescon N.V. in het casino van Demka aanwezig.

Demkaspoorbrug b

Invaren van de eerste ligger van de Demkaspoorbrug  met behulp van de drijvende bokken Jumbo en Gazelle (gewicht ± 220 ton).

De heren Hofman (N.S.) en Schor (W.S.U.) gaven een uiteenzetting over het ontwerp, de fabricage en de montage van de brug. De plaatsing van de 2 liggers was een uiterst nauwkeurig karwei, daar deze delen van 80 x 10 m, elk wegende ± 220 ton, door de nauwe bocht in het kanaal geen ruimte overlieten in hijshoogte e.d.

De delen voor deze Demkaspoorbrug zijn vervaardigd in de werkplaatsen van Werkspoor-Utrecht N.V.

Demkaspoorbrug c

Montage van de tweede ligger. Men is bezig met de aansluiting op de zuidzijde.

Juli 1965 is begonnen met de montage, nadat alle voorzieningen waren getroffen, als hulpstellingen, kranen e.d. Daar het Amsterdam-Rijnkanaal ter plaatse nog niet op de definitieve breedte is gebracht ligt de nieuwe grote overspanning nog voor de helft boven land. Hiervan is bij de montage gebruik gemaakt door een zwaar hulpsteunpunt te maken in het midden van de overspanning, vlak naast de kanaalkant. Later zal dit steunpunt verdwijnen als het kanaal ter plaatse zal worden verbreed. Men is begonnen de kleine overspanning van 40 meter aan de zuidzijde met behulp van mobiele kranen te monteren op stellingen. Vervolgens is van het tijdelijke midden-steunpunt uit in noordwaartse richting de helft van de grote en de kleine overspanning afgemonteerd.

Om nu het resterende gedeelte, boven het huidige kanaal, te kunnen bouwen, zijn de betrokken twee hoofdliggers tegelijkertijd aan de kanaaloever gemonteerd. Het zijn zware vakwerkliggers, die 9,50 meter hoog, 85 meter lang en 200 ton zwaar zijn. Zij worden elk met twee drijvende bokken opgetild en ingevaren. Door deze werkwijze bereikt men, dat het kanaalverkeer slechts twee dagen en dan nog maar gedurende enige uren is gestremd.

Demkaspoorbrug d

Aansluiting van de tweede ligger op de pijler zuidzijde.

Met het extra middensteunpunt is de constructie in staat zichzelf te dragen. De montage van de boog zal aansluitend geschieden. In de zomer van 1966 zal de brug geheel zelfdragend zijn, zodat de hulpsteunpunten kunnen worden verwijderd.