Vernielingen aan het Zuilense Verzetsmonument.

In 1949 werd in Zuilen het Verzetsmonument onthuld. In een krant lezen we hierover:

‘Zuilen eert zijn verzetshelden

… Het ontwerp voor het monument is gemaakt door de Zuilense gemeentearchitect W.C. van Hoorn, in samenwerking met de Utrechtse beeldhouwer Joh. Uiterwaal, die ook het beeldhouwwerk verzorgde. Het is opgetrokken op een gazon aan de Pr. Bernhardkade, in het verlengde van de J.M. de Muinck Keizerkade. Het heeft een breedte van 16½ meter, in het midden verheft zich een zuil van ongeveer 9M. hoog, waarop een van corsonit chroomnikkelstaal vervaardigde kelk is geplaatst, wegende ong. 250 K.G. Deze is vervaardigd bij de Demka[1], terwijl er een gasleiding heen is gelegd door de fa. Sybranda. Daardoor zal het mogelijk zijn, straks de vlam der vrijheid te ontsteken. In het voetstuk van deze zuil is het wapen van Zuilen aangebracht…

…op het platvorm worden twee meer dan levensgrote beelden geplaatst, vervaardigd door de Utr. beeldhouwer Joh. Uiterwaal. Het ene  symboliseert de noodzaak van weerbaarheid, waakzaamheid, paraatheid enz., het andere van herdenking, piëteit, waardering en dankbaarheid. De beelden zijn gehouwen uit Euvillesteen, een soort Franse kalksteen, en maken een enorme indruk…

[1] De compositie van deze speciale staalsoort werd bij Demka ontwikkeld onder toeziend oog van professor Zuithoff, de man die ook het gieten van de stalen luidklok, die Demka aan enige kerken in de regio schonk, begeleidde.’

Omdat de J.M. de Muinck Keizerlaan een verbindingsweg naar Overvecht werd, moest het Verzetsmonument vanuit de middenberm van die laan verplaatst worden. Het kreeg een nieuwe plek in het plantsoen dat werd omgedoopt tot ‘Hennie Knipschildplantsoen’.

Maar in het Utrechts Nieuwsblad van 18 april 1963 lezen we over verminking van het monument.

Verzetsmonument

HET Verzetsmonument in de Prins Bernhardlaan te Utrecht is sinds woensdagavond verminkt. Door onbekende oorzaak is de rechter hand van de vrouwenfiguur afgebroken. Voorlopig zit er nu een nieuwe hand aan, die echter nog op de juiste manier bevestigd moet worden.

Padvinders van de Oranjegroep opgelet aub!

In Zuilen was naast de Oranjegroep ook een aantal andere padvindersgroepen actief: PK 18 (heette oorspronkelijk Paul Krugergroep maar omdat de naam beladen werd, is de afkorting PK ingevoerd), Groep 23 (vooral in Oud Zuilen), Walburgis (de Rooms-katholieke variant), enz. Allemaal groepen die ‘schouts’ zijn geworden. Maar van de Oranjegroep heeft het Museum van Zuilen wel erg weinig foto’s! Wie helpt? (Maar ze haalden wel de krant, zien we in het Utrechts Nieuwsblad van 17 april 1962)

ENGELSE PADVINDSTERS BEZOEKEN UTRECHT

Twintig padvindsters en vijf leidsters uit Surbiton Surrey (Engeland) zullen van 18 tot en met 27 april de gasten zijn van de Oranjegroep van het Nederlandse padvindsters gilde in Utrecht-noord.

Men gaat excursies maken naar de Keukenhof, het openluchtmuseum, Den Haag en Amsterdam. De Engelse groep komt woensdag 18 april om 20.15 uur aan op het centraal station.

Donderdagavond 19 april wordt een bijeenkomst met kampvuur gehouden in het groepshuis aan de Plesmanlaan. Twintig Utrechtse padvindsters gaan op hun beurt in augustus een bezoek brengen aan Engeland.

 

Oranjegroep

Terwijl deze bewoonster van de Plesmanlaan, mevrouw De Keijzer met haar zoon voor de fotograaf poseert, kijken wij naar de speeltuin op de achtergrond en het Groepshuis links, van de Oranje-groep van de NPG Gidsen. (Dit bedoel ik dus met ‘wel erg weinig’ dit is namelijk de enige foto tot nu toe in de collectie van het Museum van Zuilen die betrekking heeft op de Oranjegroep! Met dank aan de heer H. de Keijzer.)

Nieuw clubhuis voor Buurtvereniging St.-Winfridus.

Na de Tweede Wereldoorlog rezen de verschillende buurtverenigingen als paddestoelen uit de grond. Ook de Buurtvereniging St.-Winfridusstraat had voldoende actieve leden om een ‘eigen’ clubhuis te ambieren. 16 april 1956 was het zover. De burgemeester werd uitgenodigd en het Utrechts Nieuwsblad schreef erover:

Clubhuis Winfridus: Zuilens aanwinst

Burgemeester toonde veel waardering

(Van een onzer verslaggevers)

Onder grote belangstelling heeft burgemeester De Ranitz zaterdagmiddag in de wijk Zuilen het clubhuis Winfridus, Marie Curielaan 75 te Utrecht, geopend. Mevr. De Ranitz ontving, voordat de burgemeester de hem aangeboden sleutel in het slot stak, een boeket bloemen in de stadskleuren.

De burgemeester sprak zijn bewondering erover uit, dat de buurtvereniging Winfridus en de daaruit voortgekomen stichting Bouw Clubhuis Winfridus erin geslaagd is geheel met eigen krachten, uiteraard voor het grootste deel leken, dit clubhuis te bouwen.

De bouwers, aldus spr., moesten wel een diepgeworteld sociaal gevoel hebben om geheel belangeloos avond aan avond (ook tijdens de koude wintermaanden) hun vrije tijd beschikbaar te stellen voor een clubhuis. Verheugend vond spr. ook dat de bejaarden zich in dit clubhuis eens met iets anders kunnen bezighouden dan alleen maar met kaarten.

Er wordt hier ook gelegenheid geboden zich tijdens de knutseluurtjes bezig te houden met ’n eigen hobby.

Na de burgemeester voerden nog vele andere sprekers het woord, waarbij velen hun gelukwens vergezeld deden gaan van een enveloppe met inhoud.

Een der jeugdige leden van het breiclubje bood de voorzitter, de heer Th. Wischhoff, een elektrische klok aan.

De heer Wischhoff dankte enkele buurtbewoners, die tijdens het werk water en licht verschaft hadden. Voor deze medewerking werd hen een grote taart en sigaren overhandigd.

Winfridusstraat

Een buurtjongetje [Tonky van Lexmond] helpt de burgemeester bij de onthulling van de naam Winfridus aan het nieuwe clubhuis in de Utrechtse wijk Zuilen. De vlag bleef steken en toen haalde een bestuurslid een jongetje tevoorschijn, tilde de knaap omhoog en liet hem de vlag losmaken. Burgemeester De Ranitz gaf daarbij aanwijzingen.

Bij Jansen leer je dansen.

In de vorige eeuw was dansen – stijldansen – de gewoonste zaak van de wereld. De dansles hoorde in de jaren vijftig, zestig en zeventig dan ook gewoon bij je opvoeding. De bekendste dansschool in Zuilen was die van de heer Jansen. Over zijn plannen voor een nieuwe dansschool lezen we in het Utrechts Nieuwsblad van 15 april 1959:

GEMEENSCHAPSRAAD ZUILEN

Akkoord inzake bouw dansschool

Feestweek van 2 tot 9 mei op ’t Zand

(van een onzer verslaggevers)

Op de Gemeenschapsraadvergadering, dinsdagavond in het Huis der Gemeente te Zuilen, werden de diverse agendapunten snel door voorzitter K. Kieviet (PvdA) doorgehamerd. Veel punten waren er niet en na een luttel aantal tikjes waren de Zuilense zaken dan ook weer voor een maand beklonken. De heer H. Beks (Chr. Partij) werd als lid geïnstalleerd. Uit een van B. en W. ingekomen stuk bleek dat men akkoord gaat met de bouw van een dansschool, die op het terrein, gelegen naast het perceel Amsterdamsestraatweg 701 zal verrijzen.

De vereniging voor christelijk nationaal onderwijs gaat een school, bevattende 9 leslokalen, een natuurkundelokaal en een gymnastieklokaal bouwen op het terrein aan de M. van Meelstraat.

Evenals een stukje grond aan de Werner Helmichstraat, zal aan de Burgemeester Norbruislaan een stukje grond in gemeentehanden overgaan. Dit laatste betreft de sloot die voor het voormalige gemeentehuis ligt. Deze zal worden gedempt.

Het door de heer Brands (PvdA) genoemde culturele lijntje, lijn 11, zal ondanks de geopperde bezwaren na 20 uur (voor een goed begrip: na ’s avonds 8 uur) niet meer rijden, om dat er te weinig gebruik van wordt gemaakt.

In afwijking van de oorspronkelijke plannen wordt de feestweek op ’t Zand gehouden van 2 tot en met 9 mei. Na deze mededeling schorste de voorzitter de vergadering.

Dansschool Jansen

Na de genoten opleiding kan je het diploma halen, brons, zilver en goud (met ster!)

Het was weer feest in Zuilen.

In de loop der jaren hebben we op deze pagina al verschillende jubilea onder de aandacht gebracht. Het gaat nog wel een tijdje door denk ik zo. Over het feest van het bruidspaar Meeuwsen-Wijden lezen we in het Utrechts Nieuwsblad van 7 april 1954:

Gouden huwelijksfeest

Woensdag 14 April viert het echtpaar H. Meeuwsen-Wijden, Galvanistraat 10, voormalig Zuilen hun gouden huwelijksfeest. De bruidegom, die 22 Aug. 1880 te Utrecht werd geboren en dus 73 jaar is, was van beroep schilder. Hij heeft tot zijn 69e jaar steeds met ijver en nauwgezetheid zijn arbeid verricht, wat wel wordt bewezen door het feit, dat hij bij één patroon meer dan 12 jaar werkzaam is geweest, iets wat in een schildersbedrijf zeker tot de uitzonderingen behoort. Thans is hij reeds langere tijd ongesteld, moet vaak het bed houden en van het maken van een wandelingetje kan geen sprake zijn. Gelukkig is het bruidje Petronelle Wijden nog in staat de huishoudelijke werkzaamheden te verrichten. Zij werd geboren te Maartensdijk 12 Juli 1880 en is dus eveneens 73 jaar.

Het huwelijk werd gezegend met 3 kinderen, allen jongens, waarvan één is verongelukt. De beide anderen zijn gehuwd, er zijn twee kleinkinderen. De kinderen hebben gezorgd voor een fraaie versiering van de woning. Het gouden huwelijksfeest zal op bescheiden intieme wijze worden gevierd.

 

De heer van de Wijngaard uit de Westinghousestraat bestolen.

Dat doe je toch niet: die aardige mijnheer Van de Wijngaard uit de Westinghousestraat van zijn portemonnee beroven. In het Julianapark nog wel! Lees het Utrechts Nieuwsblad van 13 april 1966:

Jongen uit Putten roofde in Utrecht

Van huis weggelopen

(Van een onzer verslaggevers)

UTRECHT — Een 16-jarige leerling-slager uit Putten, die met Pasen van huis was weggelopen, werd vanmorgen in de Biltstraat gegrepen na straatroof.

Mevrouw A.C. Montijn-Mariën stond vanmorgen bij de oversteekplaats Poortstraat in de Biltstraat toen zij een ruk aan haar tas voelde. Een jongen pakte haar portemonnee met ƒ 19,88 en rende daarna hard weg. Mevrouw Montijn riep om hulp: Houdt de dief…! De Utrechtse politieagent W.A. Jansen, die in burger op zijn bromfiets passeerde, reed de jongen achterna en hij slaagde er in hem in de kraag te grijpen.

De agent, die op zijn vrije dag deze vangst deed, bleek een goede greep gedaan te hebben. Op het hoofdbureau bekende de jongen, dat hij dinsdagmiddag de 77-jarige Utrechter H. van de Wijngaard, Westinghousestraat 66, in het Julianapark had beroofd van zijn beurs met ƒ 11,-.

Hij vroeg de bejaarde Utrechter of hij een rijksdaalder kon wisselen. Toen deze zijn portemonnee te voorschijn haalde greep de jongen de beurs en rende er hard mee weg. In de vlucht verloor hij ƒ 9,-, die later in het park werden teruggevonden.

Westinghousestraat

Geen foto van de genoemde jongen. Dan moet u zich maar tevreden stellen met eentje uit de collectie van het Museum van Zuilen: Zo rond 1920 was de Westinghousestraat in rep en roer. Er was een fotograaf gekomen die de familie Davelaar kwam vastleggen voor het nageslacht. Dat is zo te zien aardig gelukt. Ondanks de niet-gaatjes en de roest plekjes vond ik het plaatje krachtig genoeg voor een plaatsje. Het is weer een stukje Zuilen in beeld.

 

Wandelen in het Julianapark tijdens de Paaschdagen.

De Paaschdagen, mooie tijd om eens een kijkje te nemen in het Julianapark. Zelfs de weken erna mag u genieten van al het moois dat de natuur u biedt. Dat lezen we in het Utrechts Nieuwsblad van 12 april 1941:

Het Julianapark in de Paaschweken

—–

IN de weken, die op de Paaschdagen volgen, zijn het, wat Flora’s kinderen betreft, vooral de narcissen en de Chineesche Klokjes, die door hun bloemenpracht de aandacht trekken.

De bloemen van de in het Julianapark aangeplante Gele Trompetnarcis, Narcissus Pseudonarcissus L., die ook wel Paaschlelies genoemd worden, zijn geel van kleur en dragen een trompetvormige, aan den rand gekartelde bijkroon. Wat men gewoonlijk voor het bloemdek aanziet, is dit dus niet. Het bloemdek (wanneer er geen duidelijk verschil te zien is, spreekt men niet van een kelk en een kroon, maar van een bloemdek) zit als een zeshoekige ster aan den voet van de trompet.

Narcissus was in de Grieksche mythologie een jongeling, die, zich aan den oever van een plas over het water buigende. Verliefd werd op zijn eigen spiegelbeeld. Tot straf werd hij door de goden veranderd in de bloem van het bolgewas, dat wij thans onder dezen naam kennen.

Het vaderland van de narcissen is vooral Griekenland en Klein-Azië. Van de bloemenweelde gedurende enkele weken in deze des zomers zoo dorre streken, kan men zich hier te landen, waar de bolgewassen slechts aangeplant voorkomen, nauwelijks een voorstelling maken.

“Wanneer in Klein-Azië de winterregens voorbij zijn en de zon wel verkwikt, maar nog niet verschroeit, dan is het land er één bloemrijke weide. Wie het paradijs in zijnen bloei wil zien, hij aanschouwe er de aarde in Maart”.

In het Julianapark is een bijzonder fraaie Narcissengroep op het schiereiland bij het eilandje in den vijver.

De Chineesche Klokjes, de Forsythia’s, zijn zeer rijk bloeiende struiken met gele, klokvormige bloemen vóór of tijdens de bladontwikkeling. Ze zijn afkomstig uit China en Mandsjoerije, maar om hun fraaien en vroegen bloei in onze tuinen en parken tegenwoordig algemeen aangeplant. Er zijn verschillende soorten van, o.a. de Forsythia viridissima Lindl, en de Forsythia suspenda, variëteit Sieboldi zab, de laatste met dunnere, sterk overhangende takken. Iedere tak van een bloeiende Forsythia is als het ware met gele lampionnetjes behangen.

Bij oppervlakkige beschouwing is het denkbaar dat sommige menschen de Chineesche klokjes verwarren met de eveneens geelbloemige Winterjasmijn, Jasminum nudiflorum Lindl. Deze heeft echter groene-, de Forsythia daarentegen grijsachtig bruine takken. Ook bloeit de Winterjasmijn in een ander jaargetijde, n.m.l. in den naherfst en den winter en zijn de bloemen stervormig uitgespreid en vlak.

Naar wij vernemen zal het Bestuur van de Stichting “Het Julianaprk” binnenkort vergaderen. Teneinde met den plantsoenmeester overleg te plegen aangaande te nemen maatregelen, om de huisvesting der dieren in het park te verbeteren. Dit was ook wel zeer noodig geworden.

Julianapark

 

 

Er kon weer getrouwd worden in het ‘Huis der Gemeente Zuilen!’

Met dank aan de Gemeenschapsraad kon men vanaf 11 april 1956 ook weer trouwen in Zuilen, en wel in het ‘Huis der Gemeente Zuilen’. De veel gebruikte term ‘Voormalig gemeentehuis’ werd door de gemeente Utrecht in de ban gedaan.

Over het eerste huwelijk na de annexatie op deze locatie lezen we in het Utrechts Nieuwsblad  van 11 april 1956:

Vandaag werd voor het eerst, ingevolge de nieuwe regeling tussen Utrechts gemeentebestuur en de gemeenschapsraad voor Zuilen, een huwelijk gesloten in het Huis der Gemeente te Zuilen. Mej. C.E. Haaften huwde er met de heer R. London. De heer Hoeflaken was de ambtenaar van de burgerlijke stand. Hier ziet u dit eerste in de Utrechtse wijk Zuilen getrouwde paar.

London

Over de nieuwbouw voor Jong Leven in de Prinses Margrietstraat

Jong Leven was de buurtvereniging die in Het Schaakwijk actief was. jaren na de toezegging door Zuilen werd door de gemeente Utrecht het clubgebouw gerealiseerd. Mét een open haard, in de open lucht! We lezen er alles over in het Utrechts Nieuwsblad van 10 april 1957:

Jong Leven

 

Dit is een schoorsteen voor een open vuur. Niet zomaar een schoorsteen voor zomaar een open vuur, maar een schoorsteen in de open lucht. Er komt dus ook een openlucht vuur in te branden. Hij is te vinden bij het paviljoen van de speeltuin Jong Leven aan de Margrietstraat in Zuilen, dat zoals gemeld zaterdag geopend wordt. De bedoeling is niet de speeltuin te verwarmen maar om onder de brede luifel van het paviljoen een vuur te stoken waar omheen de jeugd zich verzamelen kan als er een spannend verhaal verteld of voorgelezen wordt.

Het Julianapark komt uit zijn winterslaap (nu pas!)

‘Het Julianapark komt uit zijn winterslaap’: met de veelbesproken ‘opwarming van de aarde’ is de laatste decennia de lente steeds vroeger herkenbaar. In 1958 was dat nog niet zo, getuige dit bericht in het Utrechts Nieuwsblad van 9 april 1958:

Julianapark richt zich op uit winterslaap

… vervuld van lentegevoelens …

Een schuchter zonnetje op tweede paasdag en kriebelende lentegevoelens in het bloed deden vele Utrechters hun schreden richten naar het Julianapark. Er waren heel wat Utrecht-noordse-wandelaars die de frisse natuur opzochten in het park. Gele en paarse krokussen steken er, goedwillend hun kopjes uit de grond en roepen een welkom toe aan de kleuters, die tevergeefs aan de hand van vader en moeder rukken om bloemetjes te plukken.

Een enkele narcis steekt er de trompet en wiegt zijn gele bloem in de koude wind. De kleurige vogels kunnen hoewel ze er krachtig hun best voor doen de lente niet binnen-roepen. Vele hokken in het Julianapark zijn nog onbewoond. Alleen „lenteharde” vliegers en fladderaars laten hun luid geschetter horen.

In de vijvers snateren een paar koppels eenden, die overijld en waggelend op de kant klimmen als er brood te halen valt. In het water hebben ze de mededinging te duchten van grote karpers, die bellenblazend aan de oppervlakte komen en met de dikste korstjes in de bek weer verdwijnen.

Temiden van de dierengemeenschap staat een ouderwetse wagen van openbare werken. Want straks, als het werkelijk zomer zal zijn geworden, is het de bedoeling, dat het Julianapark vol leven en muziek zal zijn. Op de verwachte zwoele avonden zullen er in de muziektent concerten worden gegeven.

Er is een open ruimte waar de verplaatsbare muziektent kan staan. Dit terrein wordt thans geëgaliseerd en daartoe is een deel van het park afgesloten. Omdat het nog al eens regent tijdens de concerten heeft de plantsoendienst gemeend, dat men dan in ieder geval droge voeten moet houden. Het muziekterrein is vanouds een hellend vlak, onplezierig om op te staan. Van de zomer wordt dat anders. De plantsoendienst trok langs het wandelpad een muurtje op en maakt nu voor de af en toe verschijnende muziektempel een terras. In het midden wordt een muurtje gebroken door een trapje van enkele treden. Dit is niet de enige aspecverandering van het park.

Iets verderop staan de staketsels van een nieuw vogelhuis. De gemeente Utrecht heeft al aangekondigd dat er een hoeveelheid nieuwe in- en uitheemse bewoners zijn besteld.

JulianaparkIn het Julianapark te Utrecht wordt een groot muziekterras gebouwd voor de verplaatsbare gemeentelijke muziektent. Een hellend terrein wordt vlak gemaakt en daarvoor was een muurtje nodig  Dit werd opgetrokken van de kinderhoofdjes welke sedert onheugelijke tijden de bestrating vormden van de Hopakker.

De herten staren met goeiige ogen naar de veranderingen, die men bezig is aan te brengen in hun domein. De vijver wordt opgeknapt. Midden in het plasje van enkele tientallen vierkante meters is een eilandje verrezen. Men plaatste er struikjes op en iets van rietmatten naar het scheen. Het zal een broedplaats worden, voor de watervogels. Het ziet er nu nog drabbig uit maar de struikjes groenen al.

Met vaardige hand werken de tuinlieden aan het park. Strakjes barsten de kleverige kastanjeknoppen open en zullen de fris groene bladerkronen een schaduwplekje bereiden voor de wandelaar.

Als de zon maar schijnen wil, we blijven optimistisch, zullen over een week of wat de vaders luierend naar hun bruine kleuters liggen kijken op de speelweide. De moeders achter de kinderwagens zullen nieuwsgierig en vergelijkend blikken in de wagens van andere moeders en wellicht net zo trots zijn als de pauw die zich inkennig afwendt van de drukte, of zich met zijn bonte staart pedant koelte toewuift.